Adam, schaduw van de Komende
“En God zei: Laten Wij mensen maken naar Ons beeld, naar Onze gelijkenis; en laten zij heersen over de vissen van de zee, over de vogels in de lucht, over het vee, over heel de aarde en over al de kruipende dieren die over de aarde kruipen” (Gen. 1:26).
Het woord 'beeld' is verwant met het woord schaduw. Het beeld is niet de werkelijkheid, maar een schaduw van het origineel.
De Heere wilde dat Adam zou opgroeien tot volwassenheid door gehoorzaamheid aan Hem. De opdracht aan Adam was om de aarde te vervullen, te onderwerpen en te heersen over de dieren (Gen. 1:26, 28). De aarde moest worden teruggewonnen na de val van satan.
De Heere had gezegd dat er niet van de boom van kennis van goed en kwaad gegeten mocht worden; dat was een test, Adam had een keuze. Zo hebben wij in ons leven ook de keuze om iets wel of niet te doen. We weten hoe het gelopen is: de mens werd ongehoorzaam en zondigde.
Adam is een voorafschaduwing van de Heere Jezus Christus:
- Aan Christus zullen alle dingen onder Zijn voeten onderworpen worden (Hebr. 2:8) en onder Christus’ koningschap worden alle vijanden onder Zijn voeten gelegd en daarna zal Hij het koningschap aan de Vader overgeven (1 Kor. 15:24-25).
Christus zal de aarde, de koningen en machten en krachten onderwerpen, wat Adam niet kon. - De mens werd verzocht en verleid door satan. Christus werd verzocht in de woestijn, maar was gehoorzaam aan de Vader. Hij doorstond de proef (Matt. 4:1-11).
- “Toch heeft de dood geregeerd van Adam tot Mozes toe, ook over hen die niet gezondigd hadden met eenzelfde overtreding als Adam, die een voorbeeld is van Hem Die komen zou” (Rom. 5:14).
Er staat dat Adam een typos, een type is van Christus. Waarin? Toen Eva van de vrucht nam en misleid werd, lag er een keuze voor Adam. Als hij niet nam, zou hij van haar gescheiden worden, de vrouw die uit zijn rib was voortgekomen, de vrouw die hij liefhad. Eva zou sterven en Adam niet. Van de vrucht nemen was een bewuste overtreding uit liefde voor zijn vrouw (verg. 1 Tim. 2:14). Hij werd een zondaar.
In 2 Korinthe 5:21 staat: “Want Hem Die geen zonde gekend heeft, heeft Hij voor ons tot zonde gemaakt, opdat wij zouden worden gerechtigheid van God in Hem”.
Gods grote liefde voor de mens betekende voor de Heere Jezus de dood en voor ons het leven!
Wat Adam niet tot stand heeft gebracht zal door de laatste Adam en de tweede Mens worden bereikt.
De schaduw van de dood
De Heere had tegen Adam gezegd: “… want op de dag dat u daarvan eet (van de boom van de kennis van goed en kwaad), zult u zeker sterven (Gen. 2:17).
Adam en Eva werden verdreven uit de hof, ze konden niet meer eten van de boom des levens en de dood werd een harde realiteit.
In de Bijbel komen we de term ‘de schaduw van de dood’ tegen. Die achtervolgt de zondige mens vanaf zijn geboorte. In het Oude Testament komen we die uitdrukking 19 maal tegen, met name in het boek Job: “Ja, de schaduw van de dood is voor hen allen als de morgen, want men kent de verschrikkingen van de schaduw van de dood” (Job 24:17).
Positieve schaduw
Toch wordt schaduw in de Bijbel ook als positief gezien. Dat heeft te maken met het klimaat, de verzengende kracht van de zon in het beloofde land. De zon brandt, mat af en verschroeit.
Schaduw is dan een beeld van verkwikking en bescherming.
In het Oude Testament wordt dit beeld door de Heere en door het volk dan ook veelvuldig gebruikt.
David roept het uit in Psalm 17 , waarin hij vol zorgen is: “Bewaar mij als Uw oogappel, verberg mij onder de schaduw van Uw vleugels” (Ps. 17:8). Hierbij kunnen we denken aan de moedervogel die voor haar jongen zorgt tegen de hitte en hen beschermt tegen gevaren.
De volgende keer kijken we wat er over schaduw in het Nieuwe Testament wordt vermeld.
Bijbelmagazine