Ik was daarvoor bij een specialist die mij speciale lenzen gaf. En ze pasten ook nog. Zo helder als ik nu zag, had ik nog niet eerder gezien. Het was alsof de schellen van mijn ogen vielen. Maar de werkelijkheid was in dit geval dat de schellen voor mijn ogen kwamen. Het was heel bijzonder om opeens te zien zoals ik eerder niet kon zien. Niet dat het allemaal scherp was, maar het werd steeds iets beter.
Het bracht mij terug naar een ander moment waarop mijn zicht veranderde. Niet lichamelijk, maar geestelijk. Ik ging dingen zien in Gods Woord, die ik tot dan toe nog niet had gezien. Daar gingen de schellen van mijn ‘geestelijke’ ogen af en toen ging ik zien. Ik ging zien hoe er onderscheid was in groepen, in roepingen, in tijden en in de verschillen tussen de verkondigingen door de Bijbel heen. Ik zag opeens helder hoe Gods plan der eeuwen in elkaar zat. De Bijbel werd een samenhangend geheel in plaats van losse Bijbelverhalen. Natuurlijk zag ik niet opeens alles. Naarmate de tijd verstreek en ik mij verdiepte in Gods Woord, ging ik steeds scherper zien. Overigens begrijp ik nog steeds veel meer niet dan wel, maar dat is prima.
De Heere geeft zicht, inzicht, en kan de schellen van onze ogen laten vallen. In letterlijke en geestelijke zin. In 2 Koningen 6:15-17 opent God de ogen van de knecht van Elisa. En wat hij dan te zien krijgt, moet indrukwekkend geweest zijn: “De dienaar van de man Gods stond heel vroeg op en ging naar buiten, en zie, een leger met paarden en strijdwagens omringde de stad. Toen zei zijn knecht tegen hem: Ach, mijn heer! Wat moeten wij doen? Hij zei: Wees niet bevreesd, want die bij ons zijn, zijn méér dan die bij hen zijn. En Elisa bad en zei: HEERE, open toch zijn ogen, zodat hij ziet. En de HEERE opende de ogen van de knecht, zodat hij zag; en zie, de berg was vol paarden en strijdwagens van vuur rondom Elisa.” Stel je voor dat je ogen op zo’n manier geopend worden.
In de Bijbel gebeurden vele wonderen. Velen werden genezen en konden weer zien. Toch werden soms de ogen gesloten gehouden. De schellen bleven er als het ware op. Kijk bijvoorbeeld naar de Emmaüsgangers in Lukas 24. In de verzen 15-16 staat: “En het gebeurde, terwijl zij met elkaar spraken en van gedachten wisselden, dat Jezus Zelf bij hen kwam en met hen meeliep. Maar hun ogen werden gesloten gehouden, zodat zij Hem niet herkenden.” Even later staat er in vers 31: “En hun ogen werden geopend, en zij herkenden Hem, maar Hij verdween uit hun gezicht.”
Ook bij de elf discipelen vind ik dat zo bijzonder. Zij trokken een lange tijd met de Heere op. Maar pas toen Hij uit de dood was opgestaan, staat er in Lukas 24:45 “Toen opende Hij hun verstand zodat zij de Schriften begrepen.” Blijkbaar wordt het gegeven op het moment van Gods welbehagen.
Paulus maakte het eveneens mee, toen de Heere hem aansprak op de weg naar Damascus, dat hij drie dagen lang niet kon zien. Daarna stuurt God Ananias en hij legt Paulus de handen op. En dan staat er in Handelingen 9:17-18: “…Saul, broeder, de Heere heeft mij gezonden, namelijk Jezus, Die u verschenen is op de weg waarlangs u gekomen bent, opdat u weer ziende zou worden en met de Heilige Geest vervuld zou worden. En meteen vielen hem als het ware de schellen van de ogen, en onmiddellijk werd hij weer ziende, en hij stond op en werd gedoopt.” Paulus werd vervolgens zelf met dit doel erop uitgestuurd en zegt in Handelingen 26:18 daarover: “… en Ik zal u verlossen van dit volk en van de heidenen, naar wie Ik u nu zend, om hun ogen te openen…”
Geopende ogen hebben is belangrijk. Niet voor niets bidt Paulus daarvoor in Efeze 1:17-18: “… opdat de God van onze Heere Jezus Christus, de Vader van de heerlijkheid, u de Geest van wijsheid en van openbaring geeft in het kennen van Hem, namelijk verlichte ogen van uw verstand, om te weten wat de hoop van Zijn roeping is, en wat de rijkdom is van de heerlijkheid van Zijn erfenis in de heiligen …”
Ik ben dankbaar dat ik van de oogspecialist schellen voor mijn ogen kreeg, maar nog veel dankbaarder dat de Heere de schellen van mijn ogen heeft afgehaald!
Bijbelmagazine