De kleine profeten - Deel 6 - De boodschap van Micha

De kleine profeten

Deel 6 - De boodschap van Micha

“En u, Bethlehem-Efratha, al bent u klein onder de duizenden van Juda, uit u zal Mij voortkomen Die een Heerser zal zijn in Israël. Zijn oorsprongen zijn van oudsher, van eeuwige dagen af” (Micha 5:1).

Micha
Het boek van Micha omvat ‘slechts’ zeven hoofdstukken, maar wordt niettemin door velen gezien als een omvangrijk en belangrijk werk. Zijn status wordt wel vergeleken met de ‘grote’ profeten, zoals Jesaja en Jeremia. Micha is één van de meest geciteerde Oudtestamentische boeken in het Nieuwe Testament. 

Foto: De profeet Micha - Museum Provincial de Zaragoza 

Van de profeet zelf weten we niet veel. Volgens de inleiding van het boek was hij afkomstig uit Moreset, een boerenplaats tussen Hebron en Gaza in het (zuidelijk) rijk van Juda. In hoofdstuk 1:14 wordt de plaats Moreset-Gath genoemd, hetgeen betekent: eigendom van Gath.
Van Micha zelf weten we verder niets, dan alleen dat zijn naam betekent: ‘Wie is de HEERE gelijk?’ Deze betekenis komt duidelijk tot uitdrukking in de boodschap van de profeet. De God van Israël is de Almachtige, verheven boven alle (af)goden der volkeren (Ps. 96:4 en 5). Hij is de Ik-ben, rechtvaardig en heilig. Hij haat het kwade, de ongerechtigheid en huichelarij is Hem een gruwel. Micha roept de welgestelden ter verantwoording, die zich hebben verrijkt ten koste van de ‘gewone’ mensen. Ook veroordeelt hij de valse profeten die hun broodheren dienden in plaats van de God van Israël. In het boek van de profeet Jeremia wordt Micha’s profetie aangehaald als waarschuwing voor de vorsten, de priesters en het volk: “Sion zal als een akker omgeploegd worden, Jeruzalem zal tot puinhopen worden en de berg van dit huis tot hoogten in het woud” (Jer. 26:18, vgl. Micha 3:12).

Toch klinkt in de waarschuwing voor het oordeel ook genade door, want zelfs als God moet straffen, wil Hij barmhartigheid en lankmoedigheid betonen voor wie berouw heeft en zich tot Hem (be)keert.
En… niet onbelangrijk, hij profeteert ook de komst van de Messias en noemt zelfs zijn geboorteplaats: Bethlehem, maar daarover later meer.

Tijdvak en optreden
In Micha 1:1 lezen we iets over het tijdvak waarin Micha profeteerde: “Het woord van de HEERE dat kwam tot Micha uit Moreset, in de dagen van Jotham, Achaz en Jehizkia, de koningen van Juda, en dat hij gezien heeft over Samaria en Jeruzalem.”
Scherp bestrafte hij de zonden en kondigde het oordeel aan over Samaria en Jeruzalem (1:2-7). Meedogenloos bestraft hij de boosaards, die ongerechtigheid bedenken en kwaad smeden op hun bed, en dat uitvoeren “bij het licht van de morgenstond” (2:1-5).
In hoofdstuk 3:5 stelt hij zich duidelijk op tegenover de valse profeten, die hij het oordeel aanzegt:
“Zo zegt de HEERE tegen de profeten die Mijn volk misleiden (…) Daarom zal het nacht voor u worden, zonder visioen, het zal duister worden voor u, zonder waarzeggerij. De zon zal over deze profeten ondergaan en de dag zal donker over hen worden. De zieners zullen beschaamd worden en de waarzeggers rood van schaamte… Ik daarentegen ben vol van de kracht van de Geest van de HEERE, van recht en heldenmoed, om Jakob zijn overtreding te verkondigen en Israël zijn zonde” (Micha 3:5-8).

Micha was een tijdgenoot van de profeet Hosea en ook van Jesaja, en dat verklaart wellicht ook het getuigenis over de toekomstige heerlijkheid van Juda en Jeruzalem, in hoofdstuk 4:1-3, dat bijna woordelijk hetzelfde is als in Jesaja 2:1-4. Of Micha dit heeft overgenomen van Jesaja of andersom is niet duidelijk. In ieder geval heeft Gods Geest hen beiden geleid om dit profetisch vergezicht op te schrijven.
De periode waarin Micha optrad kunnen we situeren in de jaren 740-686 v. Chr. Hij is er dus ook getuige van geweest dat het leger van Assur onder leiding van veldmaarschalk Sanherib de steden van in Israël had ingenomen en tenslotte voor de poorten van de stad Jeruzalem stond, in de dagen van koning Hizkia. Wat er toen gebeurde is opgetekend in 2 Koningen 19 en Jesaja 36-37. Op magistrale wijze verloste de HEERE Jeruzalem in één nacht, ten koste van 185.000 man in het Assyrische leger!

De Messias
Zoals gezegd profeteert Micha ook over de komst van de Messias. We gaan daarvoor allereerst naar hoofdstuk 2:12 en13. In deze verzen lezen we iets over hetgeen in een verre toekomst zou plaatsvinden:

“Ik zal u, Jakob, zeker verzamelen, geheel en al. Ik zal het overblijfsel van Israël zeker bijeenbrengen. Ik zal het samenbrengen als schapen van Bozra, als een kudde midden in zijn weide. Het zal er gonzen van de mensen.
De Doorbreker trekt vóór hen op. Zij zullen doorbreken, door de poort trekken en daardoor naar buiten gaan. Hun Koning gaat vóór hen uit, de HEERE gaat aan de spits.”

Er komt een dag dat de Heere in actie zal komen en het overblijfsel van Israël bijeen zal brengen, Jakob… geheel en al. Er staat ook bij waar dat zal plaatsvinden, namelijk in Bozra. Deze naam betekent: versterkte plaats; schaapskooi. Bozra ligt ergens in (de woestijn van) Edom en daar ligt ook een plaats die genoemd wordt: Petra (of Sela). En ja, dat is letterlijk een versterkte plaats, een rotsstad in de woestijn. Door de jaren heen nog altijd een toeristische trekpleister.
De stad Petra is eigenlijk niets anders dan een reusachtige vesting. Een enorme natuurlijke schaapskooi omgeven door bergen, met slechts één toegangspoort: een lange, zeer smalle kloof, de Siq genaamd (waar vroeger zelfs een echte deur in zat!). De schapen konden via de deur, onder de roede door, de schaapskooi binnengaan (om bewaard te blijven, vgl. Opb. 12)… en er later weer uit te gaan.
In dit verband is het nuttig om te lezen wat Ezechiël 20 zegt over het bijeenbrengen van Israël. In de verzen 33 to 38 wordt dat gedetailleerd beschreven. De Heere God zal hen uit alle volken waarin ze verstrooid zijn geraakt leiden en brengen in de woestijn. Dus niet rechtstreeks naar het land! De terugkeer van Israël naar het (beloofde) land verloopt via een tussenstation, namelijk de woestijn. Daar, in de woestijn zal een verzamelplaats en ook schuilplaats zijn voor hen die uit de volken komen en uit het land (zie ook Openb. 12:6 en 14), en de HEERE zal aldaar een rechtszaak met het volk voeren: “Ik zal u onder de herdersstok doen doorgaan en u brengen in de band van het verbond. Ik zal van u uitzuiveren wie in opstand komen en wie tegen Mij overtreden. Ik zal hen leiden uit het land waar zij vreemdeling zijn, maar zij zullen op het grondgebied van Israël niet komen. Dan zult u weten dat Ik de HEERE ben” (Ezech. 20:37-38).
De geschiedenis zal zich herhalen. Destijds werd Israël verlost uit Egypte en in de woestijn bij de HEERE gebracht. Daar werd het (oude) verbond gesloten en latere bracht Hij het volk in het land Kanaän – uitgezonderd de ongelovige generatie, die in de woestijn gevallen is.
Zo zal het ook gaan in de toekomst. We lazen: “Ik zal het (= overblijfsel van Israël – PAS) samenbrengen als schapen van Bozra.” Deze naam betekent ook: schaapskooi. Het ligt voor de hand dat die omgeving, Bozra – Petra, het gebied in de woestijn is waar de Israëlieten in de toekomst naartoe worden verzameld. En van daaruit trekt het gelovig overblijfsel dan op naar Jeruzalem en het beloofde land: “De Doorbreker (Hebr. peres) trekt vóór hen op. Zij zullen doorbreken, door de poort trekken en daardoor naar buiten gaan. Hun Koning gaat vóór hen uit, de HEERE gaat aan de spits” (zie ook Jes. 16:1). Zoals eens Jozua het volk naar het land bracht, zo zal de meerdere van Jozua dat in de toekomst doen. Denk hierbij ook aan de woorden in Johannes 10 van de Heere Jezus, de goede Herder, Die naar de schaapskooi komt om Zijn schapen naar buiten te brengen. Zij zullen Hem volgen naar, zoals Psalm 23 omschrijft ‘grazige weiden en stille wateren’.

Van oudsher
In Micha 5 lezen we ook over de Messias. Het eerste vers wordt later door Mattheüs geciteerd bij de geboorte van Jezus, zodat we kunnen concluderen dat Micha hier de komst van de Messias voorzegt.
De profeet noemt drie punten in verband met Zijn komst:

1) Hij zou uit Juda voortkomen; specifiek wordt Bethlehem-Efratha genoemd. Let wel, Micha profeteerde dit dus al zo’n 700 jaar vóór de geboorte van Jezus!
Ooit sprak (vader) Jakob deze woorden over Juda: "De scepter zal van Juda niet wijken en evenmin de heersersstaf van tussen zijn voeten, totdat Silo komt, en Hem zullen de volken gehoorzamen" (Gen. 49:10). Het woord ‘Silo’ betekent: rustbrenger.

2) Hij zou heerser zijn over Israël; vers 3: “Hij zal staan en hen weiden in de kracht van de HEERE, in de majesteit van de Naam van de HEERE, Zijn God.”
‘Hij zal staan’, ook wel vertaald met: opstaan; het is een teken van waardigheid en autoriteit, en het betekent dat Hij in actie komt. En vers 5: “Hij zal Vrede zijn.” Hij is de Herder-Koning, de Vredevorst (Jes. 9:5). Gevolg is: “Zij zullen veilig wonen, want nu zal Hij groot zijn tot aan de einden van de aarde.”
Dit alles komt bij elkaar in de aankondiging van Zijn geboorte aan Maria door de engel Gabriël: “En zie, u zult zwanger worden en een Zoon baren en u zult Hem de naam Jezus geven. Hij zal groot zijn en de Zoon van de Allerhoogste genoemd worden, en God, de Heere, zal Hem de troon van Zijn vader David geven, en Hij zal over het huis van Jakob Koning zijn tot in eeuwigheid en aan Zijn Koninkrijk zal geen einde komen” (Luk. 1:31-33).

3) Vers 1b: “Zijn oorsprongen zijn van oudsher, van eeuwige dagen af.”
Dit zegt iets over Zijn identiteit. Hij is niet zomaar iemand. Er zijn vele aanwijzingen in de Bijbel, dat Degene die in de wereld kwam als Jezus van Nazareth, er vóór die tijd al was.
Johannes zegt in zijn verslag: “In de beginne was het Woord (…) en het Woord is vleesgeworden en heeft onder ons gewoond” (Joh. 1:1 en 14, lees ook Joh. 17:5).
In Johannes 8:58 zegt Hij Zelf: “Vóór Abraham geboren was, ben Ik.” En in Openbaring 3 lezen we over Hem, die o.a. de Eerste en de Laatste genoemd wordt: “Dit zegt de Amen, de getrouwe en waarachtige getuige, het begin der schepping Gods” (3:14).
Hij was dus inderdaad van oudsher!

Heilig volk
In hoofdstuk 6 wordt gesproken over een rechtszaak: “Luister, bergen, naar de rechtszaak van de HEERE, ook u, vaste fundamenten van de aarde. De HEERE heeft immers een rechtszaak met Zijn volk, Hij voert een rechtszaak tegen Israël” (vs. 2). Daarbij gaat het om de vraag: “Mijn volk, wat heb Ik u aangedaan? Waarmee heb Ik u vermoeid? Getuig tegen Mij!" (vs. 3).
Hosea spreekt daar ook over: “Hoor het woord van de HEERE, Israëlieten, want de HEERE heeft een rechtszaak met de inwoners van dit land, omdat er geen trouw, geen goedertierenheid en geen kennis van God in het land is. Vloeken, liegen, moorden, stelen en overspel plegen zijn wijdverbreid; bloedbad volgt op bloedbad” (Hos. 4:1-2).
De priesters hadden hun plicht verzaakt en het volk niet of onvoldoende onderwezen in de instructie (Thora) van God, met als motto: “Heilig uzelf en wees heilig, want Ik ben de HEERE, Uw God” (Lev. 20:7 en 26).
God had Israël geheiligd (= apartgezet) om Zijn volk te zijn en had daarbij beloofd voor hen te zorgen, te bewaren en te zegenen (zie Exod. 19). Het verbond dat God met het volk gesloten heeft, is ook een huwelijksverbond. De HEERE gaf Zijn ja-woord en Israël idem dito (Exod. 19:8). Maar al gauw werd duidelijk dat dit wel heel optimistisch was, want de werkelijkheid bleek weerbarstig, zoals de geschiedenis laat zien. God zond Zijn dienaren met de boodschap: bekeer u! En Hij waarschuwde voor sancties, maar Israël bleef doof. Uiteindelijk roept de HEERE het volk ter verantwoording.
Alle kwaad, ongerechtigheid en zonde van Israël heeft ten diepste te maken met (ver)houding tot de HEERE, die hen verlost heeft uit Egypte en in het land Kanaän gebracht. Die hen overwinningen schonk over de vijanden en het koningshuis van David oprichtte om het volk te leiden. Die hen gezegend heeft onder het koningschap van David, welvaart en voorspoed. Waarom dan toch die ongehoorzame houding tegenover God? En dan kun je met allerlei godsdienstige rituelen aankomen, met offergaven en zo meer (vs. 6-7), maar daar gaat het in de kern niet om. Het gaat om de gesteldheid van het hart en te doen wat goed is.
In 1 Samuël 15:22 staat: “Maar Samuël zei: Heeft de HEERE evenveel behagen in brandoffers en slachtoffers als in het gehoorzamen aan de stem van de HEERE? Zie, gehoorzamen is beter dan slachtoffer, opmerkzaam zijn beter dan het vet van rammen.”
En in Hosea 6:6 zegt de HEERE: “Want Ik vind vreugde in goedertierenheid en niet in offer, in kennis van God meer dan in brandoffers!”
God heeft geen behagen in religie, of eigendunkelijke godsdienst, maar in overgave, gehoorzaamheid, geloof, kennis.
Micha vat het in hoofdstuk 6:8 als volgt samen: “Hij heeft u, mens, bekendgemaakt wat goed is en wat de HEERE van u vraagt: niets anders dan recht te doen, goedertierenheid lief te hebben en ootmoedig te wandelen met uw God.” Foto p 24-26 cross-man

Hoop
Zoals eerder opgemerkt: Te midden van de waarschuwingen en oordeelsaankondigingen bevat Micha’s profetie ook woorden van hoop. Want de Heere God komt uiteindelijk tot Zijn doel, ook met het volk Israël:

“Wie is een God als U, Die de ongerechtigheid vergeeft, Die voorbijgaat aan de overtreding van het overblijfsel van Zijn eigendom? Hij zal niet voor eeuwig vasthouden aan Zijn toorn, want Hij vindt vreugde in goedertierenheid. Hij zal Zich weer over ons ontfermen, Hij zal onze ongerechtigheden vertrappen, ja, U zult al hun zonden werpen in de diepten van de zee. U zult Jakob de trouw bewijzen en Abraham de goedertierenheid, die U aan onze vaderen gezworen hebt vanaf de dagen van weleer” (Micha 7:18-20).

Tja, daar kunnen we maar één ding op zeggen: Eind goed, al goed!

Duizenden lezers gingen u voor. Ondersteun AMEN. Word ook abonnee!

Nieuw in de Morgenroodreeks

De Morgenroodboekjes komen uit in de Morgenroodreeks: een serie Bijbelstudieboekjes die sinds 1960 wordt uitgegeven. De in deze reeks verschenen boekjes zijn handzaam en praktisch en helpen je verder om de Bijbel beter te leren kennen.

Op weg naar de eindtijd

De titel van dit boekje zegt dat we nog niet in de eindtijd leven. De wereldgeschiedenis beweegt zich echter wel in die richting. Het is mooi om te zien dat God Zijn plan door middel van Zijn Woord bekendgemaakt heeft. Meer en meer zien we dat actuele ontwikkelingen om ons heen een plek lijken te krijgen in hoe de (nabije) toekomst zal gaan verlopen. Daarom is het belangrijk om te weten wat God zegt in Zijn Woord. Hoe het ook zal gaan, we weten dat God het Begin is én het Einde. En daartussenin is Hij bij ons.

Ook als e-book verkrijgbaar!

Meer info & bestellen 'Op weg naar de eindtijd'

Vijf eigenschappen van God

Natuurlijk heeft de Heere God meer dan vijf eigenschappen. Maar de vijf die in dit boekje centraal staan, worden genoemd in Exodus 34:6, waar de Heere Zijn Naam uitroept: “HEERE, HEERE, God, barmhartig en genadig, geduldig en rijk aan goedertierenheid en trouw ...”. Dit hoofdstuk maakt deel uit van de geschiedenis waarin Mozes op de berg Sinaï de (nieuwe) twee stenen tafelen van de Heere ontvangt. Hij treedt daarin op als middelaar voor zijn volk en wil alleen verder als God nabij is: “Als Uw aangezicht niet meegaat, laat ons dan van hier niet verder trekken” (Exod. 33:15). Wat een rust moet het Mozes gegeven hebben toen de Heere hem bepaalde bij Wie Híj is en bij Zíjn eigenschappen.

Ook als e-book verkrijgbaar!

Meer info & bestellen Vijf eigenschappen van God

Uitgaven van Everread Uitgevers

Everread geeft naast de Morgenroodreeks ook andere Bijbelstudieboeken uit; jaarlijks verschijnen er 2 á 3. Wie een Everread-abonnement heeft, ontvangt deze Bijbelstudieboeken automatisch in huis  met een korting van 25%!

Schatten uit Gods Woord (3)

De serie Schatten uit Gods Woord bevat boeken waarin allerlei Bijbelse onderwerpen worden behandeld. Deze onderwerpen kun je zien als schatten die je opgraaft vanuit Gods Woord. David zegt: "De woorden van de HEERE zijn reine woorden, als zilver gelouterd in een aarden smeltkroes, gezuiverd zevenmaal" (Ps. 12:7). Hij schrijft dit om daarmee de betrouwbaarheid van Gods woorden te onderstrepen. Zij staan wat dat betreft lijnrecht tegenover de woorden die trouweloze mensen spreken (zie vs. 2-5). Wat God zegt in Zijn Woord kun je zonder meer aannemen; Hij is immers Zelf de waarheid! Daarom is het zo de moeite waard om de Bijbel te lezen, te overdenken en te leren begrijpen. Daar word je wijs van!

Spreuken 3:13-15 zegt:
"Welzalig is de mens die wijsheid vindt,
de mens die inzicht verkrijgt, want
- haar opbrengst is beter dan de opbrengst van zilver en
- haar inkomen beter dan bewerkt goud,
- zij is kostbaarder dan robijnen.
Al jouw wensen zijn met haar niet te vergelijken".

Meer info & bestellen 'Schatten uit Gods Woord - 3