Zwart op Wit - Deel 10: De mensheid, of: het grote Babylon

Zwart op Wit

Deel 10: De mensheid, of: het grote Babylon

De wereld van de eindtijd wordt bij uitstek gekenmerkt en gekarakteriseerd door de naam BABEL. Babel is, naast de historische aanduiding, de verzamelnaam van alle tegen God ingaande werken. De wereld van vandaag vertoont in talrijke opzichten babelse trekken!

Al heel vroeg in de bijbelse geschiedenis worden wij geconfronteerd met Babel. Nimrod was de eerste koning van Babel (zie Gen. 10: 8-12); hij was de eerste machthebber der aarde, en daarmee ook een type van de toekomstige koning van Babel, zoals die zich in de eindtijd nog zal openbaren. Nimrod was ook een geweldige jager. Een jager is iemand die op zoek is naar prooi, en als hij die heeft, zoekt hij naar een nieuwe. Hij is onverzadigbaar. Zo is ook de mens onverzadigbaar in zijn streven om een wereld op te bouwen buiten God om.

Genesis 11

In dit hoofdstuk vinden wij de bekende geschiedenis van de torenbouw van Babel, waarin ons meer geleerd wordt omtrent haar wezen en karakter. In deze geschiedenis zien we de bedoeling van de mens, die uit zichzelf en door zichzelf een wereld wil (op)bouwen.

"Welaan, laten wij ons een stad bouwen met een toren, waarvan de top tot in de hemel reikt, en laten wij ons een naam maken... " (vers 4).

Men wilde een complete wereld-voor-zichzelf gaan bouwen. De stad geeft uitdrukking aan het economische, sociale en culturele leven, en de toren typeert het godsdienstige gevoel.
Er is echter nog meer aan de hand. De top van de toren moest in de hemel reiken: men wilde op gelijke hoogte komen met God. En nu wordt het verdacht, want was dát niet juist het oude streven van de satan? (zie Jes. 14:14). Bovendien wilde men zichzelf "een naam maken", daarmee voorbijgaande aan dé Naam! En dat alles met het doel om niet over de hele aarde verstrooid te worden, zoals Gods plan luidde (Gen. 9:1 en 7).
De achterliggende gedachte is duidelijk: "één van taal en één van spraak" (vers 1); innerlijke eenheid, uitgedrukt in het verlangen naar uiterlijke eenheid: "laten wij... bouwen". Samen op weg!
Met dit alles staat deze geschiedenis model voor het streven van Babel, zoals dat ook in onze tijd in toenemende mate wordt gevonden. Opnieuw is de aarde, hoewel verdeeld in sectoren, één van taal en spraak. Zoekend naar een blijvende, vreedzame vorm van samenwerking wordt alles ´verenigd´. Verenigde Naties, een Verenigd Europa, Verenigde Arabische Liga, enz. Aangemoedigd door de gezamenlijke (wereld)problematiek zoals armoede, honger, milieu, terrorisme, e.d., worden talloze onderhandelingen gevoerd ´in naam der mensheid´. Zolang er gepraat wordt is er nog hoop. Dwars door alles heen worden steeds duidelijker de contouren van Babel zichtbaar. Alle middelen zoals handel, wetenschap, techniek, militaire interventie en ook de godsdienst worden aangewend om het einddoel van een betere wereld te bereiken.
Een wereld, gebouwd in eigen kracht, langs de weg van de materiële ontwikkelingen.

Materialisme

Het woord ´materie´ is afkomstig van het Latijnse woord voor moeder, mater. Het moderne materialisme, in welke vorm het zich ook openbaart, wil "moeder aarde" als alternatief gebruiken, tegenover God, de Vader en zich hierin uitleven. Dit moderne materialisme is echter in wezen een oud materialisme, want de heidense volken wilden in hun vruchtbaarheidsculten niets anders dan ook emotioneel onderduiken in moeder aarde. Het zoeken naar de oerkracht en de voortplantingskracht van de aarde, zoals dat vroeger in de godinnencultus gebeurde, uit zich nu in de vitaliteit, de levenslust die men wil halen uit dit leven en uit déze wereld."1
Materie is zichtbaar: men ziet alleen aan wat voor ogen is. Maar het is fundamenteel, dat het zichtbare tijdelijk is en zal verdwijnen (2 Kor. 4:18).
De ideale wereld komt niet tot stand door materiële ontwikkelingen. Integendeel zelfs. We zien duidelijk, dat, naarmate de ontwikkelingen toenemen, de wereld in een crisissfeer terechtkomt. De Bijbel is volkomen in overeenstemming met de werkelijkheid.
De moderne mens is zo bevangen door de geweldige mogelijkheden van wetenschap en techniek, dat men zich nauwelijks nog een andere wereld kan voorstellen, dan een wereld beheerst door technici, wetenschappers, politici, functionarissen, e.d. Men spreekt ook altijd over ´deskundigen´. Zij zijn de vooraanstaanden, zij kunnen het weten, ieder op hun eigen vakgebied. Er is grote kennis, maar die kennis is opgedeeld in vakjes, waarbij het geheel uit het oog verloren wordt. Daarbij komt, dat het wezen van de mens hetzelfde blijft en hij daardoor zijn eigen ontwikkelingskracht niet (meer) in de hand kan houden. Daarom gaat het ondanks (of: dankzij!) de enorme ontwikkelingen op allerlei gebied pertinent fout.

Wetenschap en techniek bevinden zich al geruime tijd in het grensgebied van het toelaatbare (denk ook aan het medisch kunnen), waardoor de wereld op de rand van een catastrofe staat. Juist op het moment, dat de uiterste grens wordt bereikt, waardoor er geen weg terug meer zou zijn, grijpt God in, en is een structurele verandering noodzakelijk. Een transformatie zal dus niet langs evolutionaire weg plaatsvinden, maar door rechtstreeks ingrijpen van God.

Eigenmachtigheid

Professor Schuurman geeft in zijn boekje ´Christenen in Babel´2 aan, dat de Babelcultuur kenmerkend is voor de eindtijd.
Hij spreekt over het Babelmotief, het motief van de eigenmachtigheid. “Dit motief heeft zich door de eeuwen heen op verschillende tijden geopenbaard, en manifesteert zich in onze tijd op ongekende wijze.
Daarvoor zijn twee gronden aan te geven. De eerste is, dat wij in een geseculariseerde cultuur zijn komen te leven, dat wil zeggen dat de mensen naar God en Zijn geboden niet meer vragen. Het tweede element is, dat in de geseculariseerde cultuur enorme wetenschappelijk-technische mogelijkheden aanwezig zijn. De onderlinge verbinding is, dat die gigantische ontwikkeling van wetenschap en techniek een ongenormeerde ontwikkeling geworden is. Dat brengt de cultuur op de weg van de vloek en het oordeel van God… Een eerste vereiste is dat ingezien wordt dat het Babelmotief zich in de huidige cultuur op integrale en globale wijze manifesteert. Het is het machtsmotief dat op de mens zelf gericht is. Dat motief zorgt ervoor dat wetenschap, techniek, economie en politiek steeds meer in elkaar verstrengeld raken en samen één massief geheel vormen. Deze cultuursectoren versterken elkaar op de weg naar een god-loze cultuur…
Het Babelmotief is het motief om in eigen kracht het verloren paradijs te herwinnen, het motief ook om zich op aarde een naam te maken, het motief van de eeuwige rust, het motief van de komende heilstaat. die eigenmachtigheid heeft zich thans verbonden met en is geïnspireerd door de mogelijkheden van wetenschap en techniek. De moderne machten zijn als zodanig demonische machten. De Bijbel wijst daarvoor ook de grond aan. In onze cultuur verwerpt men niet alleen de openbaring van God in de werken van Zijn handen, de schepping, zoals in de pagane cultuur van Romeinen 1, maar ook de openbaring in Christus, het vleesgeworden Woord. Zoals de verwerping van de scheppingsopenbaring in de pagane wereld desastreuze gevolgen had, zo heeft de verwerping van scheppings- en Woordopenbaring in onze cultuur een vermenigvuldiging van het kwaad tot gevolg. Die intensivering van het kwaad wordt mogelijk door de ongenormeerde machten van wetenschap en techniek. Waarom? Omdat "…zij de waarheid Gods vervangen hebben door de leugen en het schepsel vereerd en gediend hebben boven de Schepper" (Rom. 1:25, vergelijk 2 Tess. 2:10, 11). In dit licht wordt duidelijk, waarom onze cultuur bij uitstek de Babelcultuur is. Deze cultuur verenigt zonde, godloosheid, afgoderij, wetteloosheid, etc. met wetenschap en techniek. Daarom zijn er dreigingen zowel in het groot - de dreigingen van de ongenormeerde machten van wetenschap en techniek, als in het klein- de verloedering van leven en samenleving. Zo gezien is de Babelcultuur ook de cultuur van de verwarring. Wie alleen let op de wetteloosheid in het klein, en de normloosheid in het groot veronachtzaamt, ziet de diepe geestelijke eenheid niet in de innerlijke verscheurdheid en geestelijke desintegratie van onze tijd. Wanneer we daarvoor meer oog krijgen, zien we ook dat zich in die cultuur Gods toorn openbaart over alle goddeloosheid en ongerechtigheid van mensen en dat God de mens overgeeft aan een verworden of verblind denken (Rom. 1:18 en 28; 2 Tim. 3:9).3
In de Babelcultuur tracht de mens een tegen-schepping te construeren. Het lijkt in die ontwikkeling allemaal rozengeur en maneschijn te zijn. Met de ontwikkeling van wetenschap en techniek wordt de schijn hoog gehouden dat de mens aan het oordeel van God kan ontkomen. Maar deze schijn bedriegt. De Babelcultuur als een ´counter-creation´, draagt juist in de ontwikkeling van haar culturele mogelijkheden als ongenormeerde ontwikkelingen, als ontwikkelingen gevoed door de zelfzucht van de mens, de ontbinding en de dreiging in zich. De Babelcultuur bewerkt haar eigen oordeel en de ondergang".
Dit streven zal, hoe ver het ook mag komen, uitmonden in een groot debacle. Hoe mooi het ook allemaal lijkt, hoe de babelse samen-op-weg cultuur of de verbeter-de-wereld gedachte zich ook ontwikkelt, hoe Babel tenslotte ook nog heel realistisch gestalte zal krijgen in het laatste wereldrijk, zij bewerkt uiteindelijk haar eigen oordeel en ondergang. Het zal toch blijken een ´namaak-wereld´ te zijn. Er wordt gebouwd op het verkeerde fundament, vanuit een verkeerde motivatie, met verkeerde materialen. Zelfs dat laatste wordt merkwaardig genoeg al duidelijk in Genesis 11. Daar wordt de namaak al gesignaleerd in vers 3:

"En de tichel diende hun tot steen en het asfalt diende hun tot leem"

Er werden ´vervangende´ bouwmaterialen gebruikt. Surrogaat dus. Tichel voor steen, asfalt voor leem...

Het tragische slot van alles is, dat God Zelf een einde maakt aan het bouwen van de mens. Want alleen Hij bouwt een betere, ja zelfs een nieuwe wereld. Hij doet dat op Zijn Fundament, met Zijn eigen materialen en volgens Zijn eigen plan.
Genesis 11 begint met een poging van de mens om de mensheid tot een eenheid te maken, hetgeen uitloopt op het oordeel van God. Het volgende hoofdstuk begint met Gods nieuwe voorziening om allen te verenigen door de zegeningen via Abrahams zaad, en wel in het bijzonder via hét Zaad van Abraham, Christus (zie Gen. 21:12, Gal. 3:16).

De werken der wetteloosheid

Er zijn in de Bijbel twee lijnen, die beide vertegenwoordigd worden door een geheimenis. Deze geheimenissen zullen in de eindtijd ontsluierd worden, waarmee de ontknoping van de menselijke geschiedenis een feit zal zijn. Beide lijnen vinden hun oorsprong buiten het menselijk geslacht.

De ene lijn is de lijn van het verderf. Het is de lijn van de satan en wordt vertegenwoordigd door het "geheimenis der wetteloosheid" (2 Tess. 2:7) en gekarakteriseerd door de naam Babylon (Openb. 17:5). In dit verband zijn er een aantal Bijbelplaatsen, die ons iets te zeggen hebben.
In Jesaja 14 en Ezechiël 28 worden profetieën uitgesproken over respectievelijk de koning van Babel en de vorst van Tyrus. Bij het lezen van deze hoofdstukken wordt al gauw duidelijk dat hier een diepere betekenis in ligt. Over de hoofden van beide machthebbers heen, ontdekken wij de gestalte van hun overste, nl. de satan.
Satans oorspronkelijke naam was Lucifer (Gen. 14:12 ´morgenster´), hetgeen ´Lichtdrager´ betekent. In Ezechiël 28 vinden we een beschrijving van deze "beschuttende cherub" (vers 14). Hij was niet alleen volmaakt van gestalte, maar ook "vol van wijsheid, volkomen schoon". Er is echter iets mis gegaan met hem.

"Onberispelijk waart gij in uw wandel vanaf de dag dat gij geschapen werd, totdat er onrecht in u werd gevonden" (Ezech. 28:15).

Uit dit vers blijkt, dat hij een heimelijk doel had, verborgen in zijn hart, dat God ontdekt en ontsluierd heeft. Wat dat doel was, zegt ons de profeet Jesaja in hoofdstuk 14:13 en 14:

"En gij (= morgenster) overlegdet nog wel: Ik zal ten hemel opstijgen, boven de sterren Gods mijn troon oprichten en zetelen op de berg der samenkomst ver in het noorden; ik wil opstijgen boven de hoogten der wolken, mij aan de Allerhoogste gelijkstellen."

Hij deed, zoals we uit deze tekst kunnen opmaken, een greep naar de absolute macht.
Naast het feit, dat hier sprake is van ongehoorzaamheid aan God, is zo'n machtsgreep van een schepsel tegenover zijn Schepper natuurlijk onmogelijk.
Hij bereikte zijn doel dan ook niet. Integendeel, na deze opstand tegen God werd hij satan! Deze naam betekent: tegenstander. Uit andere Schriftplaatsen (o.a. Openb. 12:4) blijkt, dat vele engelen hem volgden in zijn opstand en dus ook in zijn val. Zij vormen nu voor een groot deel a.h.w. het leger van satan. Deze gevallen engelen bezitten, net als satan zelf, veel macht.
Satan is niet, zoals God alom tegenwoordig, maar wordt wel overal vertegenwoordigd door zijn onderdanen. Hoewel zij voor ons onzichtbaar zijn, kunnen we de uitwerking waarnemen, die ze hebben op de toestand in de wereld en op menselijke wezens. Het is van groot belang te weten, dat satan werkt door mensen. Mensen in regeringen, organisaties, systemen en zelfs in de kerk!
Satan oefent zijn macht uit in en over de gehele wereld. In Efeze 1:1 wordt hij genoemd "de overste van de macht der lucht", terwijl de Here Jezus zegt, dat hij "de overste dezer wereld" is (Joh. 12:31). Het woord ´wereld´ is de vertaling van het Griekse ´kosmos´, wat orde of organisatie betekent. Deze tegenwoordige wereld is in de greep van satan en overgegeven aan zijn macht. De bestaande wereldorde, dus ook de organisatie van het mensdom op politiek, sociaal, economisch gebied, enz. is gebaseerd op macht, zelfzucht, ambitie, genot, etc. Dit komt overduidelijk tot uitdrukking in de samenleving van vandaag.
De werking van satan vindt plaats in het verborgene (vandaar: geheimenis) en op een verleidende manier. Tegenover het eerste mensenpaar openbaart hij zich in de gestalte van een slang (zie ook Ezech. 28:13). In zijn succesvolle poging om de mens te verleiden en zodoende in zijn macht te krijgen, verraadt hij zijn oude streven: "De slang echter zeide tot de vrouw: Gij zult geenszins sterven, maar God weet, dat ten dage, dat gij daarvan eet, uw ogen geopend zullen worden, en gij als God zult zijn, kennende goed en kwaad" (Gen. 3:4).
Dát is het geheimenis der wetteloosheid, dat tot een hoogtepunt komt in de laatste fase van de geschiedenis, want dan zal "de mens der wetteloosheid zich openbaren, de Zoon des verderfs, de tegenstander, die zich verheft tegen al wat God of voorwerp van verering heet, zodat hij zich in de témpel Gods zet, om aan zich te laten zien dat hij een god is" (2 Tess. 2:3, 4).
Het wezen van dit geheimenis is dus: ...als God willen zijn.

De andere lijn is de lijn van het heil, afkomstig van God. Als de mens in zonde is gevallen wordt de verlossing door God Zelf aangekondigd met de volgende woorden:

"En Ik zal vijandschap zetten tussen u en de vrouw, en tussen uw zaad en haar zaad. dit zal u de kop vermorzelen en gij zult het de hiel vermorzelen" (Gen. 3:15).

Het zaad van de vrouw is de Here Jezus Christus. Hij is de Ben-Adam, d.i. de Zoon des mensen. Hij is ook de Zoon van God. Hij is degene in wie en door wie God verlossing heeft gebracht. Hij is het Woord, zegt Johannes aan het begin van zijn evangelie, dat van den beginne was en "het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond" (hs. 1:14). Ook hierin treffen wij een geheimenis aan: het "geheimenis van de godsvrucht" (1 Tim. 3:16). Dit is een groot geheim van God die mens werd in Jezus Christus. Door het verzoenend werk van Christus is de prijs voor de ongehoorzaamheid van de mens betaald. De straf, die de Heilige en Rechtvaardige God moest uitspreken over de zonde, is gedragen door het Lam van God. In Christus was God de wereld met zichzelf verzoenende, zegt de Bijbel. Iedereen die gelooft en de Here Jezus persoonlijk aanvaardt als Verlosser en Heer, zal behouden worden. Dat is de blijde boodschap van God.

Volgens Genesis 3:15 zou de Verlosser de macht van de satan teniet doen. En dat is ook gebeurd, zoals Paulus later zegt in Kolossenzen 2, vers 15: "Hij heeft de overheden en machten ontwapend en openlijk tentoongesteld en zo over hen gezegevierd".
Dit is een geweldige zaak, waarvan geen van "de beheersers dezer eeuw" geweten heeft en waardoor hun macht tenietgaat (1 Kor. 2:6 e.v.).
Het gevolg van de kruisiging en de opstanding van de Here Jezus Christus is, dat Hij met het volste recht kan zeggen: "Mij is gegeven alle macht in de hemel en op aarde" (Matth. 28:18). Die macht is nu nog niet zichtbaar (Hebr. 2:8), maar zal geopenbaard worden als Christus in heerlijkheid verschijnt in de wereld. In het boek Openbaring vinden wij de laatste en beslissende eindstrijd beschreven tussen God en de satan, waarbij de overwinning al vaststaat.
Voordat de Here Jezus Christus als Koning verschijnt in macht en heerlijkheid, zal de satanische heerschappij tot een hoogtepunt komen. Paulus zegt: "Want het geheimenis der wetteloosheid is reeds in werking" (2 Tess. 2:7). Johannes spreekt in zijn eerste brief over de geest van de antichrist, die nu reeds in de wereld is (1 Joh. 4:3). Deze geest zal uiteindelijk DE antichrist voortbrengen (1 Joh. 2:18). Het woord anti betekent: in plaats van, en ook: tegen. Beide betekenissen zijn van toepassing. De antichrist zal zich eerst aandienen als in de plaats van Christus, met name aan het joodse volk (zie Joh. 5:48), maar later zal hij zich openbaren als de tegenstander. Eerst doet de satan zich voor als een "engel des lichts" (2 Kor. 11:14) dan openbaart hij zich als "een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden" (1 Petr. 5:8).
De satan zal geen middel onbenut laten om in samenwerking met de opstandige mens zijn plan te volvoeren: een wereld zonder God!
De werken der wetteloosheid, die zich voor het grootste deel in het verborgene afspelen, zullen uiteindelijk leiden tot de komst van de mens der wetteloosheid, in de Bijbel met name genoemd: de wetteloze. Met hem zal de samenleving zich als één mens opstellen tegenover God. Dit is de goddeloze Babelcultuur, waarin voor alles en iedereen plaats is, behalve voor de God van de Bijbel en Zijn onderdanen!

AFVAL

"Omdat de wetsverachting toeneemt zal de liefde van de meesten verkillen" (Matth. 24:12).

De Bijbel heeft de eind-tijdelijke samenleving zo´n 2000 jaar geleden uitgebreid voorzegd.

Zware tijden

In 2 Timotheüs 3 zegt de apostel Paulus, "dat er in de laatste dagen zware tijden zullen komen". En dan doelt hij niet op de economische problemen, zoals bijv. de werkgelegenheid; ook niet op de milieuproblemen, enz. Nee, hij wijst op de miserabele toestand van ´de mensen´ en noemt achttien (dat is 3 x 6!) kenmerken, die de mensheid van de eindtijd profileren:

overzicht z/w
Een treffender beschrijving van de tegenwoordige samenleving is nauwelijks denkbaar! Uiterst actuele woorden, 20 eeuwen geleden neergeschreven.
Het feit dat het een algemeenheid is, dat is kenmerkend. Het gaat om de meesten (gelukkig niet om iedereen!).
Paulus voegt er nog aan toe, dat het geheel met "een schijn van godsvrucht" wordt afgedekt. Hieruit blijkt, dat de mens van de laatste dagen aanvankelijk wel godsdienstig is, maar het is in Gods ogen niet meer dan een schijngodsdienst (schijn, of: namaak, surrogaat; dit is typisch babels).
Waarom schijn? Omdat de kracht, de kern wordt verloochend. Deze schijngodsdienst is er de oorzaak van dat er op zovele kansels zonder enige inhoud wordt gepraat over vrede, liefde, gerechtigheid, etc. Men heeft het over God als de Vader van alle mensen en ontkent daarmee de waarheid (zie bijv. Joh. 8:43-47). Men spreekt over "God is liefde", maar zwijgt over de "God der wrake". Men vertelt slechts de helft van de waarheid, en dan nog naar eigen (theologisch) inzicht.
Men gebruikt de Bijbel, maar misbruikt het Woord van God. Men (ik spreek in 't algemeen) laat na om het Woord te verkondigen, of men verdraait het en kiest alleen dat uit wat voor de mensen vriendelijk, aardig, gevoelsmatig is. Ondertussen wordt de waarheid ernstig ondermijnd, wordt het licht verduisterd en worden velen op een dwaalspoor gebracht.

Wij bevinden ons midden in een godsdienstige crisis. De aloude godsdienst is niet meer toereikend voor de moderne mens, zegt men. Allerlei theologieën zijn in de loop der tijd ontstaan en vinden hun eindpunt in de uitersten van vandaag. Het grote gevaar is daarbij, dat grove leugens keurig netjes worden verpakt in een vroom verhaal, zodat velen het kaf niet meer van het koren kunnen scheiden.
De satan, die zichzelf vermomt als een ´engel des lichts´, heeft zijn dienaren uitgezonden, en zij doen zich voor als dienaren der gerechtigheid (2 Kor. 11:13).
Op veel plaatsen in de Bijbel wordt gewaarschuwd tegen valse leraars die dwalingen brengen onder het vrome volk (zie bijv. Hand. 20:30, Gal. l, 1 Tim. l en 4, 2 Tim. 2 en 3, 2 Petr. 2, 1 Joh. 2 en 4, 2 Joh. en Judas).
In kerken, die tot voor kort nog bekend stonden als ´bijbelgetrouw´, vinden nu de modernste on-bijbelse opvattingen grote bijval.
Universiteiten zijn in veel gevallen verworden tot broedplaatsen van bijbelkritiek, etc. Zij leveren theologen af, die bijna alles geloven, behalve datgene wat Gods Woord zegt!
Het wezen van de eindtijd-godsdienst is Babylon! En dat stemt tot nadenken. De babylonische godsdienst was er één van waarzeggerij, occultisme, etc. Een godsdienst ook, waarin de vrouw een belangrijke plaats innam (denk aan de aanbidding van Ishtar, de koningin des hemels). Het zijn juist deze elementen die we hoe langer hoe meer terugvinden vandaag, precies zoals de Bijbel van tevoren heeft gezegd (Zie bijv. 1 Tim. 4:1 en Openb. 9:20).

Het is in onze dagen zo, dat de genade van God veranderd wordt in losbandigheid (Judas :4) onder het motto: alles mag, als het maar lief(de) is! Echter: genade betekent niet dat God alles maar toelaat en zonde door de vingers ziet, maar dat er vergeving is door het bloed van het Lam!
Dat is de basis van het evangelie en die basis wordt in onze tijd massaal verlaten.
Steeds duidelijker zien we de werkingen van satan, in wiens macht de wereld zich bevindt (1 Joh. 5:19). De koninkrijken zijn (nog) onder zijn heerschappij. In het boek Openbaring wordt hij genoemd: de verleider der volken. Hij wil de wereld volkomen aan zich onderwerpen, door de mens te laten denken dat hij zelf god is (zie Gen. 3:5). Zijn wereld is er één van roem, rijkdom en eer, van hoogmoed en genot (zie 1 Joh. 2:16 e.a.). Naarmate de tijd vordert zullen deze zaken meer aan het licht komen. Nu is het de tijd, waarin komende gebeurtenissen hun schaduw vooruit werpen. Laten wij er toch vooral voor waken en bidden, dat we niet meegezogen worden in de geestesstroom van de tijd, maar weten waarom het gaat. "De nacht is ver gevonderd, de dag is nabij. Laten wij dan afleggen de werken der duisternis en aandoen de wapenen des lichts!" (Rom. 13:12). Om zo te kunnen wandelen in het licht is het nodig de diepe afhankelijkheid te beseffen van God en Zijn Woord. Is het nodig te weten waar het op aankomt.

APOKALYPSE

In het boek Openbaring vinden wij de beschrijving van de allerlaatste fase van de menselijke geschiedenis. In het 9e hoofdstuk treffen wij een beeld aan van de samenleving in die tijd. In Openbaring 9 zijn we al aangeland bij de plaag van de 6e bazuin, als we in vers 20 en 21 lezen:

"En wie van de mensen overgebleven waren, die niet gedood waren door deze plagen, bekeerden zich toch niet van de werken hunner handen, om de boze geesten niet meer te aanbidden en de gouden, zilveren, stenen en houten afgoden, die niet kunnen zien, noch horen of gaan; en zij bekeerden zich niet van hun moorden, noch van hun toverijen, noch van hun hoererij; noch van hun dieverijen".

Van de mensheid in de apokalyptische tijd worden dus zes kenmerken met name genoemd:

  1. boze geesten aanbidden (of: occultisme)
  2. afgoderij
  3. moord
  4. toverij
  5. hoererij
  6. dieverij

Hoe actueel deze kenmerken zijn, bewijst de wereld van vandaag, waarin wij al deze facetten op grote schaal in de samenleving terugvinden.

1. Occultisme

De mensen die overblijven na een serie van plagen "bekeerden zich toch niet" (Openb. 9:20). Het woordje ´toch´ drukt iets uit van verbazing en ook van onverzettelijkheid. Zelfs de plagen waarmee de mensheid wordt geteisterd, brengen geen verandering. De mens kan zó volharden in het kwaad, dat een weg terug alleen nog in theorie lijkt te bestaan.
Het is opmerkelijk, dat in onze tijd de kerken leeglopen, terwijl allerlei religieuze sekten en groeperingen als paddestoelen uit de godsdienstige grond schieten: voor elck wat wils!
Sekten geven uitzicht op religieuze interpretaties die opluchting geven. Kerken bieden schrale troost... Sekten bieden nu een weg. Ze garanderen een gezonde levenswijze, warme en bestendige relaties met medemensen die je accepteren zoals je bent, een blijde sfeer en bovenal mystieke eenwording met God. Het eigen ik kan zich verliezen in de oceaan van goddelijkheid. De uitkomsten van recentelijke onderzoeken kwamen hierop neer, dat men hét geloof steeds meer vaarwel zegt, en zich in plaats daarvan overgeeft aan allerlei geloven! Met hét geloof wordt niet bedoeld één of ander kerkelijk dogma, maar geloof in de Christus der Schriften. Dat is ook de grote vraag van de Here Jezus in Lukas 18, vers 8: "Doch als de Zoon des mensen komt, zal Hij dan HET GELOOF vinden op aarde?"
Het geloof in de gekruisigde en opgestane Heer, die de enige weg is tot eeuwig behoud, daar gaat het om. Het is een teken van de tijd, dat dit fundament meer en meer wordt verlaten. Hét evangelie van God wordt steeds vaker ingeruild tegen een ander evangelie, en dat is geen evangelie!
Het is in de praktijk te constateren, dat de geloofsafval gepaard gaat met een toenemende invloed van duistere machten. Het occultisme ondergaat een ware opleving! Logisch, want de mens wil zijn religieuze behoefte toch bevredigen. De satanische machten maken hier listig gebruik van. Hun infiltratiepogingen worden steeds vaker met succes bekroond!
De Bijbel leert duidelijk dat de wederkomst van Christus voorafgegaan zal worden door "de werking des satans met allerlei krachten, tekenen en bedrieglijke wonderen, en met allerlei verlokkende ongerechtigheid (2 Tess. 2: 9, 10).

In 1 Timotheüs 4 schrijft Paulus: "Maar de Geest zegt nadrukkelijk, dat in latere tijden sommigen zullen afvallen van het geloof, doordat zij dwaalgeesten en leringen van boze geesten volgen, door de huichelarij van leugensprekers" (vers 1 en 2).
Het woordje ´van´ wijst erop, dat er een duidelijk contact is tussen mensen en geesten en dat de boze geesten met behulp van ´leugensprekers´ hun onderdanen onderwijzen.
Bovendien wordt duidelijk, dat verscheidene slachtoffers zich bevinden binnen de sfeer van het christendom. Zij vallen van het geloof af en begeven zich tot allerlei wind van leer. Vele voorbeelden zijn vandaag de dag te noemen, die de ontstellende toename en verbreiding van allerlei occulte zaken zouden kunnen staven. Denk aan de vele boeken die over dit onderwerp handelen. Denk aan de belangstelling in de media voor bovennatuurlijke zaken. En wat te denken van zoveel alternatieve genezers, en van de vele lichaams- en geestontspannende clubs: yoga, sensitivity-training, transcedente meditatie, enz., enz. Keuze genoeg. Ook dichterbij, op het kerkelijk erf, is men steeds meer geneigd zich te richten op de gevoelskant van het geloof. Men strekt zich uit naar bijzondere ervaringen, waarin God Zich zou manifesteren. Dit vormt voor de tegenstander een gemakkelijke ingang om mensen te misleiden met “allerlei krachten, tekenen en bedrieglijke wonderen” (2 Tess. 2:9). Temeer omdat deze hang naar beleving in de praktijk de bestudering van Gods Woord overstijgt. En als mensen eigenlijk niet meer weten wat de Bijbel zegt, krijgt de tegenstander vrij spel! (zie artikel in het vorige nummer, pagina 8-9)

2. Afgoderij

Natuurlijk ligt dit in het verlengde van het voorgaande. Afgoderij is alles wat belangrijker geacht wordt dan God, zodat men erop vertrouwt of het vereert.
Iemand zei eens heel treffend: een afgod is eigenlijk alles wat je van God afhoudt! En dat kan, vooral in onze tijd, erg veel zijn.
Daar komt nog bij, dat de mens van de eindtijd autonoom is, zichzelf tot wet. Anders gezegd: zichzelf tot god. In feite is hij dus zijn eigen afgod!
In Openbaring 9:20 gaat het naast de geestelijke afgoderij ook om het zichtbare aspect, zoals zich dat in het heidendom van oudsher heeft gemanifesteerd: het aanbidden of vereren van afbeeldingen en/of voorwerpen, die een geestelijke werkelijkheid moeten weergeven.
Bijvoorbeeld relikwieën, "gewijde" voorwerpen om het ongeluk te verhoeden, afgodsbeeldjes (boeddha), amuletten, mascottes, etc. Het is afschuwelijk dat ook onder Gods kinderen deze voorwerpen worden gedragen!
Dat het afgodsbeeld in het boek Openbaring een bijzondere plaats inneemt, heeft natuurlijk ook te maken met het werk van de valse profeet, die alle mensen tot aanbidding van het beeld van het beest wil brengen:

"En het zegt tot hen, die op de aarde wonen dat zij een beeld moeten maken voor het beest, dat de wond van het zwaard had en weer levend geworden is. En hem werd gegeven om aan het beeld van het beest een geest te schenken, zodat het beeld van het beest ook zou spreken, en maken, dat allen, die het beeld van het beest niet aanbaden, gedood werden" (Opb. 13:14-15).

Wie gewend is met afgodsbeeldjes om te gaan, zal ook geen moeite te hebben met hét afgodsbeeld!

3. Moorden

In de tijd van de Apokalyps zal dit een dagelijkse realiteit zijn. De afval van God en het dienen van de satan leidt tot zelfzucht en haat. Wij moeten goed bedenken, dat "de vader der leugen" ook de "mensenmoorder van den beginne" is (Joh. 8:44).
Moord is een verschijnsel, dat we in onze tijd in allerlei vormen zien groeien en toenemen: massamoorden, politieke moorden, godsdienstige moorden, zedelijke moorden, etc.
Zelfzucht, geldzucht en genotzucht, maar ook wanhoop en wraak resulteren in aanslagen op mensenlevens. Het menselijk leven wordt steeds minder geacht en is nog nauwelijks beschermd. De dagen van van de eindtijd worden door de Here Jezus vergeleken met de dagen van Noach: "En gelijk het geschiedde in de dagen van Noach, zo zal het ook zijn in de dagen van de Zoon des mensen" (Luk. 17: 26).
Eén van die kenmerken van Noachs tijd was: geweld. "Door hun (= de mensen) schuld is de aarde vol geweldenarij" (Gen. 6:13).
De regering in die dagen was patriarchaal. Het hoofd van de familie had in de meeste gevallen niet meer de macht of de wil om de wetteloze excessen te weerstaan of te straffen. Hij werd zelf ook meegesleurd in het verderf. Bij afwezigheid van een goede autoriteit kan men zich licht voorstellen, dat het kwaad hand over hand toeneemt. Zo kwam het dat in Noachs dagen mensen deden wat goed was in eigen ogen of in de ogen van de gemeenschap. Men hield in ieder geval geen rekening met God. En het gevolg was: boosheid, verderf, geweld!
Vandaag vinden wij deze dingen terug in onze samenleving, wereldwijd. Naarmate het verderf zich uitbreidde, nam ook het geweld steeds meer toe. En vele leiders en overheden van onze tijd hebben geen passend antwoord meer of gaan zelf mee in het verdorven handelen.
Het is niet overdreven om van de huidige wereld te zeggen, dat zij vol is van geweldenarij, of -en dat klinkt wat moderner- terreur.
Het internationale terrorisme is een duidelijk teken van de tijd. De macht van de terreur is ontstellend groot. En: geweld roept geweld op. Actie vraagt om reactie! Hoewel wij sinds de oprichting van de Verenigde Naties in 1946 een heuse Veiligheidsraad hebben, neemt de onveiligheid alsmaar toe, op grote en kleine schaal. Het heeft ertoe geleid, dat vele mensen langzaamaan bevangen raken door "angst en vrees voor de dingen die over de wereld komen" (Luk. 21:26).
Bovendien is het zo, dat terrorisme, misdaad en corruptie de onrust en onvrede op een geweldige manier bevorderen.

4. Toverijen

Toveren is geen onschuldige bezigheid van een goochelaar op een kinderpartijtje, of van sprookjesfiguren. Het is door occulte krachten een bovennatuurlijke invloed uitoefenen en iets tot stand brengen door middel van bepaalde toverspreuken, bezweringsformules en ceremoniën.
Bij waarzeggerij is men er meer op uit iets te weten te komen, bij toverij meer iets te doen. Zowel de middelen als de krachten zijn anti-bijbels, anti-christelijk. Ook de satan beschikt over allerlei krachten, waarmee hij bedrieglijke tekenen en wonderen kan verrichten (Matt. 24:24, Hand. 8:9-23, 2 Tess. 2:9, Openb. 13:13, 14).
De duivel is Gods imitator. Vergelijk Exodus 7:11, 22; 8:7. De tovenaars van Egypte handelen in opdracht en als instrument van satan, Mozes in opdracht en als instrument van God. Vooral als de toverij onder een vrome dekmantel geschiedt, hebben velen het niet in de gaten (soms ook de tovenaar zelf niet), dat het uit de duivel is en denkt men, dat hij door middel van Goddelijke krachten (krachten als gave van God) tekenen en wonderen doet (Hand. 8:9-11). Satan doet zich graag als een engel des lichts voor!
Het woord voor ´toverijen´ (Grieks: pharmakeia) kan ook worden gebruikt voor bedwelmende dranken en allerlei opwekkende en prikkelende middelen. In deze betekenis zal het ongetwijfeld gelezen mogen worden, want het wordt hier in Openbaring 9 apart genoemd naast het aanbidden van boze geesten en afgoderij (vs. 20). Bovendien bepaalt het ons alweer bij een nadrukkelijk kenmerk van de laatste dagen: verslaving, en dat in alle denkbare vormen.
In de rede van de Here Jezus over de laatste dagen (Luk. 21:34) noemt Hij "roes en dronkenschap" als een kenmerk van die tijd!
Roes is een (medisch) woord, dat gebruikt wordt voor de nawerking van drank, en kan ook gelden voor andere bedwelmende middelen.
Het woord ´pharmakeia´ is terug te vinden in de ´farmaceutische´ industrie. Dit is wel heel treffend, omdat een sterk toenemend aantal mensen verslaafd is aan allerlei soorten pillen. Slaappillen, verdovende middelen als valium en librium, en ook energieverhogende peppillen.
Het brede scala van verslavingen strekt zich uit van het oude alcoholisme tot de hypermoderne verslaving van de pop- en computercultuur.
En in al deze vormen van verslaving, waardoor mensen in een roes leven, vindt de satan wegen om hen tot willoze en weerloze schepselen te maken, ontvankelijk voor demonische invloeden.

5. Hoererij

Met de opleving van het heidendom in grove en overtreffende vorm, gaat ook de seksuele verwording gepaard. De laatste decennia zijn alle taboes op dit gebied doorbroken, zodat vandaag pornografische lectuur zelfs te koop ligt in doodgewone snoepwinkeltjes!
De niet aan liefde gebonden seks wordt beschouwd als de gewoonste zaak van de wereld en zij die daar anders over denken worden nauwelijks voor vol aangezien. Het woord zedeloosheid is welhaast uit de spraak van de moderne mens verdwenen, tenminste, als het gaat om het verschijnsel ´vrije liefde´.
Naast het huwelijk zijn er allerlei andere samenlevingsvormen ontstaan ( of liever: bewerkt!) die zo langzamerhand volkomen als gelijkwaardig worden beschouwd, ook door de overheid. Het past allemaal in het kader van de zelfzucht en genotzucht (2 Tim. 3) van de menselijke vrijheid. Overspel zondig noemen is ouderwets. Homoseksueel gedrag afwijzen wordt je, ook door menige theoloog, uiterst kwalijk genomen. De oude tradities van huwelijk en gezin, man-vrouw relatie, enz., worden door velen in de ´moderne´ Westerse wereld als antiek beschouwd. Een volledige omkering van waarden en woorden van God. En dat typeert de satan. Hij is de vader der leugen. Leugen is: omgekeerde waarheid. Als zodanig is de seksuele verwording niet alleen tekenend voor de laatste tijd, maar ook kenmerkend voor de gezagscrisis.
Romeinen 1 laat heel duidelijk zien, dat waar het ontzag voor de Schepper ophoudt, ook de eerbied voor de mens (als man en vrouw) verdwijnt. Anders gezegd: als de mens het zicht op de Schepper verliest, raakt hij ook het zicht op de medemens kwijt. Als de verhouding tot de Schepper wordt verstoord, wordt ook de verhouding tussen mensen onderling verstoord. En als eerste symptoom wordt de verstoorde man-vrouw relatie genoemd!
De seksuele en maatschappelijke revolutie van de afgelopen jaren is een belangrijk middel geweest in de weg naar de ontkenning van Bijbelse waarden en normen.
Het begrip voor de man-vrouw verhouding verdwijnt en maakt plaats voor homofiele relaties, die in principe on-echt zijn. Die relaties worden ontwikkeld en gestimuleerd. Het ab-normale moet normaal worden. Zo komt het, dat men spreekt over homofiele echtparen, dat zo'n huwelijk zelfs kerkelijk kan worden ingezegend, dat deze echtparen ook gewoon kinderen nemen, zij het langs een omweg, want de natuurlijke orde laat zich niet emanciperen! Nogmaals: een omkering van de principiële scheppingswerkelijkheid.

6. Dieverijen

Ja, en wat betekent dan, na al het voorgaande, een woord als ´dieverijen´ nog? Immers, een diefstalletje naast moord, hoererij... dat maakt toch nauwelijks indruk? En dat is volkomen waar, als het inderdaad zou gaan om een enkel geval van diefstal.
Maar ook hier doet zich hetzelfde verschijnsel voor als in alle andere gevallen: de ontstellende toename. De ´kleine criminaliteit´ behoort tot de grote problemen van onze tijd! Bovendien, laten wij er ook vooral niet te gering over denken. Het gaat hier niet alleen om de winkeldiefstalletjes, hoewel dat er vele zijn! In de grote steden worden op dit moment duizenden aanmeldingen per jaar gedaan, en dat is nog maar het topje van de ijsberg!
Als diefstal betekent: het wegnemen met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening, dan wordt er heel wat vervreemd!
Jakobus, die schreef met het oog op de eindtijd, spreekt over een vorm van rijkdom, die "verrot" genoemd wordt. Hij klaagt de rijken aan en zegt: "Gij zijt schatten gaan opleggen, terwijl het de laatste dagen zijn" (5:3).
Hun onrechtigheid is, dat zij rijk geworden zijn ten koste van hun werknemers, waardoor zij het oordeel niet zullen ontgaan: "Zie, het loon, dat door u is ingehouden van de arbeiders, die uw landen hebben gemaaid, schreeuwt en het geroep van hen, die uw oogst hebben binnengehaald, is doorgedrongen tot de oren van de HERE Zebaoth" (5:4).
Tegenwoordig wordt er veel aandacht geschonken aan veel-verdieners. De exhorbitante salarissen van topvoetballers tot topmanagers en topambtenaren staan in geen enkele verhouding tot de realiteit en veroorzaken veel onbegrip en gemopper.
Maar het gaat allemaal nog veel dieper! In Openbaring 18 wordt gesproken over de kooplieden der aarde, die in macht en weelde rijk geworden zijn (vers 3,11,15). Als de ondergang van Babel realiteit wordt zal de waarheid van Openbaring 18:23 blijken: “…uw kooplieden waren de machthebbers der aarde…” Wij denken dat de wereld geregeerd wordt door politici, maar dat berust op een misverstand. De werkelijke macht in deze wereld ligt bij hen, die het grote geld bezitten, de grote commerciële bedrijven en instellingen, die wereldwijd opereren. De globalisering heeft een enorme vlucht genomen en het financiële systeem is als een inktvis, die z´n machtige armen uitspreidt over de hele aarde. Alles is met elkaar verbonden. Openbaring 18 leert, dat dit systeem uiteindelijk ineen zal storten: “…want in één uur is al die zo grote rijkdom verwoest” (vs. 16).

Goddeloosheid

Tenslotte moet nog een laatste uitzonderlijk kenmerk genoemd worden van de laatste dagen en dat is de uitgesproken goddeloosheid: zonder God willen zijn, God-loos.
Dit is kenmerkend voor Babel en dus ook voor de eindtijd. De profeet Zacharia beschrijft een merkwaardig visioen van de vrouw in de efa (zie hs. 5:5-11). Deze vrouw symboliseert de goddeloosheid en wordt afgevoerd naar het land van Babylon, nl. Sinear (vgl. Gen. 11:2 en Openb. 17:3).
Judas schrijft in zijn brief over het eindtijd-oordeel en citeert een profetie van Henoch: "Zie, de Here is gekomen met zijn heilige tienduizenden, om over allen de vierschaar te spannen en alle goddelozen te straffen voor al hun goddeloze werken, die zij goddeloos bedreven hebben, en voor al de harde taal, die de goddeloze zondaars tegen Hem hebben gesproken" (vs. 14, 15).
Uit deze woorden wordt al duidelijk wat later in het boek Openbaring wordt bevestigd, namelijk dat de goddeloosheid zeer zal toenemen naarmate de tijd vordert.
De volheid van de goddeloosheid zal zich uiteindelijk manifesteren in totale Godslastering en verwerping van alles wat aan God (let wel: de God van de Bijbel!) doet denken.
Door de eeuwen heen zijn ware gelovigen vervolgd en gedood om de Naam van Christus. In verschillende landen is de vervolging er nog steeds. Ook in de zgn. vrije landen valt een toenemende irritatie op te merken over christenen, die de Bijbel als onfeilbaar en gezaghebbend Woord aanvaarden en daarnaar willen leven.
In de apokalyptische tijd zal de God-loosheid culmineren in de God-boosheid. D.w.z. men zal tégen God spreken en handelen!
In Openbaring 13 lezen we dat het Beest zijn mond opent "tot lasteringen tegen God, om Zijn Naam te lasteren, en Zijn tent en hen, die in de hemel wonen" (vs. 6).
In Openbaring 16 zien we, dat de mensen zelfs onder de oordelen van God Zijn Naam lasteren en zich niet bekeren van hun werken (vs. 9-11).
Zij, die op welke wijze dan ook verbonden zijn met God, zullen deze haat tegen God aan den lijve ondervinden (zie Openb. 11: 7;12:17;13:7,15;17:6).

Maar… gelukkig is dit niet het einde, want God heeft Zijn eigen plan! En daar eindigt de Bijbel ook mee. Dwars door alles heen komt de Here God tot Zijn doel: een wereld van licht, vreugde en welzijn. In dood en opstanding van Zijn Zoon, de Here Jezus Christus, is het fundament van die nieuwe wereld gelegd. En allen die Hem toebehoren mogen zich nu al verheugen in een toekomst van louter heerlijkheid!

Voetnoten

  1. G. Huntemann - De onpersoonlijke mens. Uitg. De Vuurbaak Barneveld.
  2. E. Schuurman - Christenen in Babel, Uitg. De Groot Goudriaan (Kok-Kampen)
  3. Het is als de wet van de communicerende vaten. Naarmate de ongerechtigheid en goddeloosheid toeneemt, zal ook de toorn van God toenemen. Het einde van die ontwikkeling staat beschreven in Openbaring 18, waar de val van Babylon beschreven staat: “Want haar zonden hebben zich opgehoopt tot aan de hemel en God heeft aan haar ongerechtigheid gedacht” (vs. 5).

Duizenden lezers gingen u voor. Ondersteun AMEN. Word ook abonnee!

Pas verschenen in de Morgenrood-reeks

De Morgenroodboekjes komen uit in de Morgenroodreeks: een serie Bijbelstudieboekjes die sinds 1960 wordt uitgegeven. De in deze reeks verschenen boekjes zijn handzaam en praktisch en helpen je verder om de Bijbel beter te leren kennen.

NIEUWSTE UITGAVE: Psalm 23

Psalm 23 - De HEERE is mijn Herder

Psalm 23 is wellicht de bekendste van alle psalmen. Begrijpelijk, want de tekst lijkt dicht bij ons te staan. David schrijft herkenbaar over de zorg van de Heere, zelfs in de zwaarste momenten. Maar ook zien we zijn grote vertrouwen en zekerheid in God. De lijn van lijden en vertroosting, van heiliging en hoop, komt helder naar voren en zal voor elke gelovige bemoedigend zijn. De geestelijke lessen liggen als het ware voor het oprapen.

Ook de letterlijke betekenis van deze psalm is prachtig! Toen de Heere destijds de menigte van Zijn volk Israël zag, "was Hij innerlijk met ontferming bewogen over hen, omdat zij vermoeid en verstrooid waren, zoals schapen die geen herder hebben" (Matt. 9:36). Die bewogenheid is duidelijk zichtbaar wanneer David zijn Herder beschrijft.

Ook als e-book verkrijgbaar!

Info & Bestellen

Belangrijke Bijbelwoorden

Geloof - gerechtigheid - genade - uitverkiezing - verzegeling

Er zijn veel bekende woorden in de Bijbel die vaak door gelovigen worden gebruikt. Voor dit boekje hebben we er vijf uitgekozen: geloof, gerechtigheid, genade, uitverkiezing en verzegeling. Wat voor betekenis hebben ze in de Bijbel en welke plaats hebben ze in onze persoonlijke relatie met God?

In elk van de vijf hoofdstukken in dit boekje wordt één van deze onderwerpen bestudeerd. De lessen die ze ons leren, hebben onderling met elkaar te maken en draaien om een schitterend middelpunt: de genade van God. Het zicht op de werking van Gods genade in je leven - in je redding, in je praktische leven nu en in je hoop op de toekomst - doet je groeien in het begrip van Wie God voor je is.

Bekijk hier de inhoudsopgave

Ook als e-book verkrijgbaar!

Info & Bestellen

Recente uitgaven Everread Uitgevers

Naast de boekjes uit de Morgenroodreeks geeft Everread ook andere boeken uit. Wie een Everread-abonnement heeft, ontvangt naast de uitgaven in de reeks óók elke nieuwe uitgave van Everread (jaarlijks 2 á 3) met een korting van 25%!

Twaalf unieke gelijkenissen

Er staan in het Lukasevangelie twaalf gelijkenissen die niet in de andere evangeliën voorkomen. Daaronder bevinden zich bekende gelijkenissen, zoals die over de verloren zoon en die over de rijke man en de arme Lazarus. En wie kent het verhaal over de barmhartige Samaritaan niet?

In dit boek gaat de schrijver in op deze twaalf gelijkenissen.

Het Griekse woord dat met 'gelijkenis' is vertaald, duidt op iets dat ergens naast geworpen wordt. Enerzijds is er de werkelijkheid, anderzijds is er een verhaal dat de Here Jezus er als het ware naast legt. Met dat verhaal geeft Hij licht op de werkelijkheid. Desondanks zijn gelijkenissen soms maar moeilijk te begrijpen. Zelfs de discipelen van de Here Jezus hadden in sommige gevallen moeite om Zijn onderwijs in deze vorm te verstaan.

Daarom is het des te mooier om met dit boek in de hand weer eens bij deze gelijkenissen en hun schoonheid bepaald te worden.

Bekijk hier de inhoudsopgave van dit boek

Info & Bestellen