De eerste is: "Als u dan met Christus de grondbeginselen van de wereld bent afgestorven, waarom laat u zich dan, alsof u nog in de wereld leeft, bepalingen opleggen" (Kol. 2:20). Letterlijk staat er: waarom laat u zich nog dogmatiseren.
De tweede is: "Als u nu (of: dan) met Christus opgewekt bent, zoek dan de dingen die boven zijn, waar Christus is, Die aan de rechterhand van God zit" (Kol. 3:1).
Bij de eerste staat: als u bent afgestorven en bij de tweede: als u bent opgewekt. Het gaat over onze positie in Christus. Afsterven is een beetje een raar woord. Wij hebben het over sterven of doodgaan, maar afsterven is ergens vanaf, ergens weg van zijn. Wanneer je sterft, ben je weg van de wereld, van familie, van vrienden. Je bent er niet meer. Paulus heeft het over afgestorven van de grondbeginselen van deze wereld (Gr. kosmos), de geschapen werkelijkheid, dat wat God om Zich heen heeft gemaakt als versiering. Het gaat om de aarde en de hemelen, de huidige schepping, daar hoor je niet meer bij.
Grondbeginselen
De grondbeginselen of uitgangspunten van deze wereld noemde Paulus al eerder: "Pas op dat niemand u als buit meesleept door de filosofie en inhoudsloze verleiding, volgens de overlevering van de mensen, volgens de grondbeginselen van de wereld, maar niet volgens Christus" (Kol. 2:8). De overlevering van mensen en filosofie hebben alles te maken met de grondbeginselen van deze kosmos. In Galaten blijkt dat ze te maken hebben met de wet: "Zo waren ook wij, toen wij nog onmondige kinderen waren, als slaven onderworpen aan de grondbeginselen van de wereld" (Gal. 4:3).
Boven
Wij zijn met Christus daarvan afgestorven en daarom zegt Paulus: zoek de dingen die boven zijn. Boven is: buiten de kosmos, de hemel der hemelen, waar de Zoon aan de rechterhand van de Vader zit. Wij zijn gestorven en ons leven is verborgen met Christus in God (Kol. 3:3). We moeten zoeken c.q. bedenken de dingen die boven zijn. Ons denken moet beheerst worden door hemelse principes. We moeten de goddelijke waarheid leren kennen en de wil van God verstaan.
Dogmatisch
"Als u dan met Christus de grondbeginselen van de wereld bent afgestorven, waarom …” laat u zich dan - letterlijk - dogmatiseren? Je moet je niet laten leiden door dogma’s die horen bij deze wereld, regels, de wet, noem maar op. Het zijn menselijke inzettingen. We moeten bedenken de dingen die boven zijn. Paulus legt verder uit wat het betekent voor de praktijk als je dat doet. Hij geeft een aantal tips in hoofdstuk 3 en 4 van de brief aan de Kolossenzen. Het betekent wat voor vaders, vrouwen, kinderen, werkgevers en werknemers. Dezelfde woorden vinden we in de Efezebrief. De dingen bedenken die boven zijn, hebben hun uitwerking in ons leven op aarde.
Genade
"Houd sterk aan in het gebed, en wees daarin waakzaam met dankzegging. Bid meteen ook voor ons dat God voor ons de deur van het Woord opent, om van het geheimenis van Christus te spreken, om welke oorzaak ik ook gebonden ben, opdat ik dit geheimenis mag openbaren zoals ik erover moet spreken. Wandel met wijsheid bij hen die buiten zijn, en buit de geschikte tijd uit. Laat uw woord altijd aangenaam zijn, met zout smakelijk gemaakt, opdat u weet hoe u iedereen moet antwoorden" (Kol. 4:2-6).
In ons gebed is er een belangrijke plaats voor het feit dat het geheimenis geopenbaard is en mag worden. We mogen onze tijd gebruiken om een getuigenis te geven van de blijdschap die ons verkondigd is. Er zijn natuurlijk altijd omstandigheden waardoor we ons niet blij voelen, maar ten diepste gaat het om de grote blijdschap die we hebben ontvangen, de rijkdom van Zijn genade. Wandel met wijsheid. Ons woord moet aangenaam zijn. Dat lijkt logisch: een beetje vriendelijk zijn naar elkaar, een beetje gezellig blijven. De vertaling blijkt niet helemaal juist te zijn, letterlijk staat er: uw woord zij altijd in genade, met zout passend gemaakt.
Er worden vier dingen genoemd:
1. In wijsheid wandelen.
2. Het tijdstip uitkopen, de gelegenheid ten nutte makende.
3. Je woord moet ingebed zijn in genade, met zout op smaak gebracht.
4. We moeten weten hoe we een ieder moeten antwoorden.
Het heeft geen nut om iemand ongezouten de waarheid te verkondigen. Ons woord moet genade als uitgangspunt hebben. Daarom zegt Paulus (en dat is best lastig): “Verdraag elkaar en vergeef de een de ander, als iemand tegen iemand anders een klacht heeft; zoals ook Christus u vergeven heeft, zo moet ook u doen" (Kol. 3:13). Het woord ‘vergeven' komt van het Griekse charizomai: betoon elkaar genade, zoals Christus u genade betoond heeft. Wij hebben de rijkdom van genade gekregen en mogen die ook aan elkaar geven. We hebben gekregen wat we niet verdienden en hebben niet gekregen wat we wel verdienden.
Zout
Er staat ook dat ons woord met zout op smaak gemaakt moet worden, met zout passend gemaakt. Wat wordt hiermee bedoeld? Waarom zout? Menselijk gezien weten we dat zout twee kenmerken heeft: 
1. Het is bederfwerend, het bevordert de duurzaamheid.
2. Het werkt zuiverend.
Deze twee aspecten komen ook in de Bijbel naar voren en hebben een geestelijke betekenis.
Zout komt de eerste keer voor in Leviticus 2: "Elke offergave van uw graanoffers moet u met zout bereiden. Het zout van het verbond met uw God mag u aan uw graanoffer niet laten ontbreken. Bij al uw offergaven moet u zout aanbieden" (vs. 13). Elk offer werd met zout op smaak gemaakt. "Alle hefoffers van de geheiligde gaven die de Israëlieten de HEERE moeten brengen, geef Ik u, en uw zonen, en uw dochters met u, als een eeuwige verordening. Het is een eeuwig, met zout bekrachtigd verbond, voor het aangezicht van de HEERE, voor u en voor uw nageslacht met u" (Num. 18:19). Dit is geschreven toen Israël in de woestijn was. Bij de Sinaï was er een verbond gesloten met de HEERE en dat wordt een ‘zoutverbond’ genoemd. Een eeuwig verbond, niet altijddurend, maar bestemd voor de betreffende eeuw. Het gaat een tijd mee en bederft niet zomaar, het is duurzaam, het duurt voort.
Koning Abia zei: "Weet u niet dat de HEERE, de God van Israël, voor eeuwig het koningschap over Israël aan David gegeven heeft, aan hem en aan zijn zonen, door een met zout bekrachtigd verbond?" (2 Kron. 13:5). Het koningschap was voor de duur van de eeuw en niet aan bederf onderhevig, het was duurzaam. Er zal altijd iemand uit Davids nageslacht op de troon zitten. We kunnen lezen in de geslachtsregisters van de Heere Jezus dat Hij uit het geslacht van David was. Tegen David wordt gezegd: "Uw huis en uw koningschap zullen voor uw ogen voor eeuwig vaststaan, uw troon zal voor eeuwig zeker zijn" (2 Sam. 7:16). Dat is duurzaam.
Duurzaam
Dat het koningschap duurzaam is, ligt niet aan de mens. Het geslacht van David heeft niet geweldig gepresteerd. Als het aan de mens ligt, zal het door bederf teniet gaan. Het is duurzaam, bestendig en bederfwerend, omdat God er zout aan toevoegt. Hij maakt de dingen duurzaam. Hij doet het door Zijn Woord te spreken. Alles bij God is duurzaam. Het wordt niet weggedaan als het niet bevalt. God voert Zijn plan, dat vanaf het begin is vastgesteld, tot het eind uit. Er zijn teksten in de Bijbel die dit bevestigen, lees bijvoorbeeld Jesaja 46:10!
Tijdens de geschiedenis hebben mensen wellicht gedacht: hoe moet dit goed komen? Er is geen nageslacht. Hoezo is dit verbond met zout bekrachtigd? En toch komt het goed.
"In het hart van de mens zijn veel plannen, maar de raad van de HEERE, die houdt stand" (Spr. 19:21). De meeste van onze plannen zijn niet erg duurzaam, we komen in de loop van de tijd tot een ander inzicht. Onze plannen bederven ook snel. Maar de raad van de HEERE is met zout bekrachtigd en niet aan bederf onderhevig.
Ons antwoord moet gebaseerd zijn op het blijvende Woord van God. Vol van genade, passend vanuit het Woord. Dan zijn het niet onze opbeurende woorden. We mogen spreken vanuit de rijkdom van genade die we zelf ontvangen hebben. Sprekers kunnen prachtig spreken, maar het moet met zout passend gemaakt zijn, dus gebaseerd op het Woord van God en passend in Gods plan.
Zuiverend
Elia heeft zijn taak overgedragen aan Elisa. Elisa is in Jericho bij de leerling-profeten. "Toen kwamen zij bij hem terug, terwijl hij in Jericho verbleef, en hij zei tegen hen: Heb ik niet tegen u gezegd: Ga niet? De mannen van de stad zeiden tegen Elisa: Zie toch, de ligging van deze stad is goed, zoals mijn heer ziet; maar het water is slecht, waardoor het land misgeboorte veroorzaakt. En hij zei: Breng mij een nieuwe schaal en doe er zout in. En zij brachten die bij hem. Toen ging hij naar buiten, naar de waterbron, wierp het zout daarin en zei: Zo zegt de HEERE: Ik heb dit water gezond gemaakt, er zal geen dood of misgeboorte meer door komen. Zo werd dat water gezond …“ (2 Kon. 2:18-22).
‘Jericho’ betekent: welriekende stad. Het wordt ook de Palmstad genoemd, het zag er aan de buitenkant geweldig uit, maar het water is slecht. Daardoor is er geen vrucht, het is ijdel, het levert niets op. Dit is het probleem van Israël, van de mens, van de wereld, van alles. De buitenkant lijkt heel wat, maar als het water slecht is, is het dood, er zit geen leven in. Water is nodig om te leven. We bestaan voor een groot deel uit water, maar van nature is dat slecht.
Er is een verlangen naar fris helder levenswater. "U moet de HEERE, uw God, dienen. Dan zal Hij uw brood en uw water zegenen. Ik zal ziekte uit uw midden doen wijken. Geen vrouw in uw land zal een miskraam hebben of onvruchtbaar zijn. Ik zal het aantal van uw dagen vol maken" (Exod. 23:25-26). De belofte van de HEERE was, dat als ze Hem zouden dienen en trouw zouden zijn aan Zijn Woord, dan zou Hij hun brood en water zegenen. Dat is anders gelopen, Israël ging zijn eigen weg.
Tegen Nicodemus zegt de Heere Jezus: wil je het leven hebben, dan moet je opnieuw geboren worden. De eerste, natuurlijke geboorte is per definitie een dode zaak. Het leidt tot niets, het levert geen vrucht op. Nicodemus snapt het niet, maar de Heere legt het uit: "Jezus antwoordde: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Als iemand niet geboren wordt uit water en Geest, kan hij het Koninkrijk van God niet binnengaan" (Joh. 3:5). Je moet geboren worden uit geestelijk water. Of uit water waarin zout is gestrooid. Zout maakt gezond en God doet dat. 
Elisa zegt niet dat het zout het water gezond heeft gemaakt. "Toen ging hij naar buiten, naar de waterbron, wierp het zout daarin en zei: Zo zegt de HEERE: Ik heb dit water gezond gemaakt, er zal geen dood of misgeboorte meer door komen" (2 Kon. 2:21). God doet het en Hij gebruikt het teken van het zout om het aanschouwelijk te maken voor de mensen. Dood water wordt geestelijk water.
Levend Water
Wat Israël en ieder mens nodig heeft, is het Levende Water. In het Johannesevangelie komt het water steeds naar voren. Bij de Samaritaanse vrouw bij de put waar zij vraagt om levend water, zodat ze niet meer hoeft te putten. Bij het badwater van Bethesda waar de man die al 38 jaar ziek is in moet gaan om beter te worden. De Heere Jezus loopt op het water. Hij zegt: stromen van levend water zullen uit Mijn binnenste vloeien. De blindgeborene moet zich wassen in het badwater van Siloam.
Water van God is nodig. Er moest een nieuwe schaal met zout gebracht worden. Een heenwijzing naar een nieuw verbond met het volk van Israël. Een verbond met de geest. Op dit moment wordt Israël niet met zout smakelijk gemaakt. Ezechiël spreekt over de toekomst: "Zo zegt de Heere HEERE: Ik zal Mijn grote Naam heiligen, die onder de heidenvolken ontheiligd is (…) Dan zullen de heidenvolken weten dat Ik de HEERE ben (…). Ik zal u uit de heidenvolken halen en u uit alle landen bijeenbrengen. Dan zal Ik u naar uw land brengen. Ik zal rein water op u sprenkelen en u zult rein worden. Van al uw onreinheden en van al uw stinkgoden zal Ik u reinigen. Dan zal Ik u een nieuw hart geven en een nieuwe geest in uw binnenste geven. Ik zal het hart van steen uit uw lichaam wegnemen en u een hart van vlees geven. Ik zal Mijn Geest in uw binnenste geven. Ik zal maken dat u in Mijn verordeningen wandelt en dat u Mijn bepalingen in acht neemt en ze houdt" (Ezech. 36:22-27).
Zout der aarde
Er is nog een bekende tekst over zout: “U bent het zout van de aarde” (Matt. 5:13). Dat gaat over het volk Israël, wanneer ze het duurzame Woord van God tot zich hebben genomen en met zout gereinigd zijn. Wanneer ze met geestelijk water zijn besprenkeld en de Geest ontvangen hebben. Dan zullen ze het zout der aarde zijn en kunnen ze deze wereld een passend antwoord geven met het duurzame, getrouwe Woord van God. Dan komt er leven in. "Op die dag zal Ik oprichten de vervallen hut van David. Zijn scheuren zal Ik dichtmaken, en wat aan haar is afgebroken, zal Ik oprichten, Ik zal hem opbouwen als in de dagen van oude tijden af; zodat zij de rest van Edom in bezit zullen nemen, en alle heidenvolken waarover Mijn Naam is uitgeroepen, spreekt de HEERE, Die dit doet" (Amos 9:11-12). Hij doet het en dat brengt leven. "Zie, er komen dagen, spreekt de HEERE, dat de ploeger de maaier zal ontmoeten en de druiventreder de zaaier, en dat de bergen zullen druipen van jonge wijn en al de heuvels doordrenkt zullen worden. Ik zal een omkeer brengen in de gevangenschap van Mijn volk Israël. Zij zullen de verwoeste steden herbouwen en bewonen, zij zullen wijngaarden planten en de wijn ervan drinken, zij zullen tuinen aanleggen en de vrucht ervan eten. Ik zal hen in hun land planten, en zij zullen nooit meer weggerukt worden uit hun land, dat Ik aan hen gegeven heb, zegt de HEERE, uw God" (Amos 9:13-15). Dat is de toekomst. "Wordt het smakeloze gegeten zonder zout? Zit er smaak aan het wit van een ei?" (Job 6:6). Er is zout nodig, dat geeft leven.
Laat uw woord altijd vol van genade zijn, gebaseerd op het blijvende Woord van God. Met zout passend gemaakt. Je mag je het Woord toe-eigenen, omdat het je leven en je getuigenis smaak geeft!
Bijbelmagazine