Bijbel & wetenschap - Deel 3

Bijbel & wetenschap

Deel 3

De Bijbel en de wetenschap staan dikwijls op gespannen voet met elkaar. Het Woord van God is te allen tijde betrouwbaar, maar hoe zit dat met de wetenschap?

In deze jaargang willen we hierop aansluiten en aandacht besteden aan de controverse tussen Bijbel en wetenschap als het gaat om ontstaan en bestaan van hemelen en aarde. Op voorhand moet gezegd worden, dat we hierbij uit gaan van de overtuiging, dat de Bijbel het Woord van God is, voor gelovigen dus de absolute autoriteit! Zaken die o.a. aan de orde komen in deze serie zijn: Geloof en wetenschap, de kennis van de mens, de rol van de duivel, beweringen en bewijzen, en zo meer.

Systeem

De tegenstander heeft met behulp van de wetenschap grote invloed gehad op het denken en handelen van de mens(heid). De geschiedenis laat zien, dat het Bijbelse getuigenis systematisch onderuit gehaald is. In de afgelopen vijf eeuwen is er elke honderd jaar een wetenschapper opgestaan wiens bewering een kanteling in het denken van de mens heeft veroorzaakt.
Het begon met de verandering van het wereldbeeld in de tijd van Copernicus en via een aantal tussenstations komen we terecht in onze tijd, waarin het eind zo´n beetje zoek is als het gaat om de ontkrachting van het heilige Woord van God!

Copernicus (1473-1543)

In oude geschriften van Plato, Aristoteles en later Ptolomeüs (A.D.150) is de aarde het middelpunt van het universum; zon, maan en sterren draaien er omheen (het zgn. geocentrische model).
De uit Polen afkomstige Niklas Koppernigk (Copernicus) heeft andere ideeën gepubliceerd: de zon is middelpunt van het heelal en de aarde draait om de zon (het zgn. heliocentrische model). Vlak voor zijn dood gaf hij zijn ideeën in 1542 prijs voor publicatie. Dat is dus zo´n 5500 jaar na de schepping van Adam en Eva volgens de bijbelse tijdrekening.
De ideeën van Copernicus werden ruim een eeuw later ´bewezen´ door de waarnemingen van Galileï. Dat leverde overigens wel een ernstig conflict op met de Kerk: Galileï werd veroordeeld tot levenslang huisarrest (van 1633-1642). Nog later heeft Isaäc Newton (1642-1727) het heliocentrische model behoorlijk dichtgetimmerd, zodat het als algemene waarheid werd aanvaard. In zijn in 1687 verschenen boek ´Principia´ gaf hij echter wel toe dat het bewijzen van een onweerlegbare absolute beweging in de wirwar van bewegingen rondom ons ´een grote moeilijkheid is´.
De Duitse wis- en natuurkundige Max Born (1882-1970), die in 1954 de Nobelprijs voor natuurkunde ontving, heeft gezegd: ´Ptolomeüs en Copernicus hebben allebei gelijk´. Hij bedoelde daarmee te zeggen, dat beide modellen niet onweerlegbaar te bewijzen zijn.
In de reeks artikelen van vorig jaar (Het bijbelse wereldbeeld) hebben we gezien dat de Bijbel spreekt over de aarde die stilstaat en de zon, maan en sterren die bewegen. Dit sluit overigens ook naadloos aan bij onze eigen dagelijkse waarneming. Het Copernicaanse wereldbeeld staat daar dus lijnrecht tegenover!

Descartes (1596-1650)

Zo´n 100 jaar na de presentatie van Copernicus´ wereldbeeld publiceerde de mathematicus en filosoof René Descartes, die als de grondlegger van de moderne filosofie beschouwd kan worden, in 1644 zijn boek ´Principia Philosophiae´ (Beginselen van de filosofie). Daarin komt de bekende stelling ´Cogito ergo sum´ (Ik denk, dus ik ben) voor. Vanuit deze stelling bouwde Descartes God en het wereldbeeld op basis van ´onbetwijfelbare´ argumenten opnieuw op.
Hij stelde de mens als denkend subject centraal, wantrouwde de traditie per definitie en aanvaardde de rede als het enige criterium voor de vaststelling van de waarheid. Daarmee maakte hij heftige discussies los over de menselijke rede en het gezag van de Schrift.
En terecht, wie het menselijk verstand kiest als toetssteen van de waarheid loochent daarmee de autoriteit van Gods Woord. De Bijbel zegt, dat de mensen “…verduisterd zijn in hun verstand en vervreemd van het leven Gods om de onwetendheid die in hen heerst” (Efe. 4:18). Het is een bittere pil voor de mens te moeten toegeven dat hij -zonder God en Zijn Woord- wandelt in de “ijdelheid van zijn denken”. Dat heeft alles te maken met de zonde die sinds de val van Adam in het menselijk geslacht heerst.
We hebben al eens eerder gewezen op Romeinen 1, waar staat dat de mens(heid) zich van de Schepper heeft afgekeerd: “Immers, hoewel zij God kenden, hebben zij Hem niet als God verheerlijkt of gedankt, maar hun overleggingen zijn op niets uitgelopen, en het is duister geworden in hun onverstandig hart. Bewerende wijs te zijn, zijn zij dwaas geworden…” (vs. 21-22a).

Deze gang van zaken heeft verregaande consequenties gehad voor de ontwikkeling van het mensdom. De periode na de dood van Descartes staat in de geschiedenis bekend als De Verlichting, waarin sterk de nadruk werd gelegd op de ontwikkeling van de menselijke rede (zie kader). Naast de voordelen die het Verlichtingsdenken heeft voortgebracht, is het grote manco dat men gaandeweg de autoriteit van God en Zijn Woord heeft losgelaten. En dat betekent dat men nog slechts op het eigen verstand is aangewezen, en dat is nu juist verduisterd en leeg volgens de Bijbel.

Wordt hervormd!

Wees gerust, we gaan op deze plaats geen reclame maken voor een kerkgenootschap. We citeren slechts woorden van Paulus in Romeinen 12, vers 2:

“En wordt niet gelijkvormig aan deze wereld, maar wordt hervormd door de vernieuwing van uw denken, opdat gij moogt erkennen wat de wil van God is, het goede, welgevallige en volkomene.”

Het gaat hier om een vermaning van de apostel, waarbij het denken een rol speelt. Het woord voor ´wereld´ is in de grondtekst: aioon. Het begrip aioon duidt op de toestand waarin de wereld (Gr. kosmos) zich gedurende een bepaalde tijd bevindt. Het gaat dus specifiek om deze tegenwoordige wereld. Johannes zegt daarover dat “de gehele wereld (Gr. kosmos) in het boze ligt” (1 Joh. 5:19), terwijl Paulus in 2 Korinthiërs 4:4 spreekt over satan als de “god deze eeuw (Gr. aioon)”.
Satan is dus momenteel de autoriteit, die met hulp van zijn engelen de gang van zaken in de wereld beheerst. Samen vormen zij de “wereldbeheersers deze duisternis” (Efe. 6:12). In de grondtekst staat: ´kosmokraten van deze aioon´. Zij beheersen dus de wereld gedurende deze aioon. Het mag duidelijk zijn, dat zij -als tegenstanders van God- de mens graag ´behulpzaam´ zijn in het zoeken naar zijn identiteit, het doel van zijn bestaan, het ontstaan en bestaan van deze wereld en dergelijke zaken. En daarbij kunnen we niet verwachten dat zij de waarheid proclameren. Dat druist in tegen het karakter van de satan, die door de Here Jezus genoemd wordt “…een leugenaar en de vader der leugen” (Joh. 8:44).
Welnu, tegen die achtergrond is het begrijpelijk dat de Bijbel waarschuwt om niet gelijkvormig te worden aan deze wereld, maar juist hervormd te worden door de vernieuwing van het denken.
Letterlijk staat er dat we een metamorphose moeten ondergaan in ons denken. Het denken (Gr. nous) wijst met name op de zetel van de gedachten (in het Engels: mind), waaruit het vermogen voortkomt om te kunnen waarnemen en begrijpen, alsmede te kunnen voelen, (be)oordelen en onderscheiden. Het adagium van Descartes: Ik denk, dus ik ben, mag dan wel juist zijn, maar veel belangrijker is waar mijn denken en daaruit voortvloeiend mijn bestaan door bepaald wordt.
De Bijbel geeft daarop het antwoord!

Vernieuwing

Als een mens in deze wereld verschijnt door geboorte, wordt hij of zij meegenomen in de opvoeding en traditie van de ouders. Later worden daar allerlei vormen van kennis aan toegevoegd door naar school te gaan, door het sociale leven, de religieuze omgeving en noem maar op.
Daardoor wordt het denken gevormd. Op zichzelf niks mis mee, maar wat nu als dat alles niet in overeenstemming is met de waarheid?
En met de waarheid bedoel ik dan: het Woord van God. De Here Jezus bad destijds voor Zijn discipelen: “Ik bid niet, dat Gij hen uit de wereld wegneemt, maar dat Gij hen bewaart voor de boze. Zij zijn niet uit de wereld, gelijk Ik niet uit de wereld ben. Heilig hen in uw waarheid; uw woord is de waarheid.”
Ik denk ook aan het gebed van David in Psalm 86: “Leer mij, HERE, uw weg, opdat ik in uw waarheid wandele; verenig mijn hart om uw naam te vrezen” (vs. 11).
Het is essentiëel voor een mens dat zijn denken gefundeerd is in de waarheid, anders wordt het zicht op het bestaan ernstig belemmerd.
Paulus zegt dat het denken vernieuwd moet worden; het moet een renovatie ondergaan, desnoods oude denkbeelden vervangen door nieuwe. En laten we eerlijk zijn, de apostel zelf heeft dat in zijn eigen leven meegemaakt, en hoe!
Als hij in de Galatenbrief schrijft over zijn vroegere wandel in het Jodendom, zegt hij: “…en in het Jodendom heb ik het verder gebracht dan vele van (mijn) tijdgenoten onder mijn volk, als hartstochtelijk ijveraar voor mijn voorvaderlijke overleveringen “ (Gal. 1:14). Hij was een vooraanstaand man in zijn dagen, een Farizeeër met een puike opleiding, want opgeleid “aan de voeten van Gamaliël” (Hand. 22:3).
En toch zegt hij in Filippenzen 3, vers 7: “Maar alles wat mij winst was, heb ik om Christus´ wil schade geacht.”
Er heeft een ommekeer in zijn leven plaatsgevonden door de ontmoeting met Jezus Christus! Zijn ogen gingen open voor de waarheid. En die waarheid lag klaarblijkelijk niet in de traditie van het Jodendom, maar in het onfeilbare spreken van God. Hij onderging een metamorfose door de vernieuwing van zijn denken!

Het denken van ieder mens is bedorven door de onontkoombare invloed van de zonde en de misleiding van de satan. Het gevolg is dat hij eenvoudigweg niet kan komen tot een zuivere waarneming en begrip, tenzij hij het Woord van God in acht neemt.

Het is de tegenstander er dus alles aan gelegen om dat Woord onderuit te halen en de aanzet daartoe is dan ook daadwerkelijk gegeven, opnieuw zo´n honderd jaar later! Volgende keer meer…

Meer artikelen in de serie "Bijbel & wetenschap":

Duizenden lezers gingen u voor. Ondersteun AMEN. Word ook abonnee!

Nieuw in de Morgenroodreeks

De Morgenroodboekjes komen uit in de Morgenroodreeks: een serie Bijbelstudieboekjes die sinds 1960 wordt uitgegeven. De in deze reeks verschenen boekjes zijn handzaam en praktisch en helpen je verder om de Bijbel beter te leren kennen.

Gods plan met Israël

Deuteronomium 30:1-10 is het uitgangspunt van dit boekje. Je zou dit hoofdstuk de 'basis-profetie' met betrekking tot het herstel, dan wel de toekomst van Israël kunnen noemen.

Het is belangrijk om een Bijbelse visie op Israël te hebben. Daarbij gaat het om het historische en het toekomstige aspect van het volk, maar zeker ook om het huidige. Door belofte en profetie te verwarren, heb je maar zo een verkeerd zicht op Israël. Dit boekje helpt de lezer enige orde te krijgen in de uitgebreide informatie in de Bijbel over Gods plan met Israël.

Ook verkrijgbaar als e-book!

Meer info & bestellen 'Gods plan met Israël'

Hooglied

Hooglied - over een herder en zijn geliefde

Hooglied is een bijzonder Bijbelboekje. Het behoort tot de zogenaamde feestrollen. Binnen het Jodendom wordt het gelezen op de achtste dag van het Paasfeest - Pesach - het feest waarop de verlossing van Israël uit Egypte wordt herdacht. Daarbij wordt het boek gezien als een afspiegeling van Gods liefdesverklaring aan Israël en het verbond tussen Hem en Zijn volk.

Diverse 'partijen' komen erin aan het woord, maar de belangrijkste zijn toch wel de herder en zijn geliefde. Samen vormen ze een prachtig paar, waarin de Herder en Zijn volk Israël niet moeilijk zijn te herkennen.

Ook als e-book verkrijgbaar!

Bestel 'Hooglied'

Uitgaven van Everread Uitgevers

Everread geeft naast de Morgenroodreeks ook andere Bijbelstudieboeken uit; jaarlijks verschijnen er 2 á 3. Wie een Everread-abonnement heeft, ontvangt deze Bijbelstudieboeken automatisch in huis  met een korting van 25%!

Getallen in de Bijbel - 2e druk

'Getallen in de Bijbel' is de vertaling van het Engelse boek 'Number in Scripture' dat al in 1894 verscheen. In boeken die gaan over Bijbelse getallen wordt vaak naar dit standaardwerk verwezen.

In 2013 (het 100e sterfjaar van de schrijver) is de Nederlandse vertaling beschikbaar gekomen. En inmiddels is er - eind 2016, bijna 3 jaar later - deze tweede druk.

De inhoud van dit boek is in tweeën verdeeld.
Het eerste deel gaat over het bovennatuurlijke ontwerp van de getallen in de Bijbel en is min of meer een inleiding op het onderwerp. Het beschrijft onder meer de overheersende rol die (Bijbelse) getallen spelen in de opbouw van de schepping, in de Bijbel, in de chronologie, in de natuur, in de scheikunde en in geluid, muziek en kleuren.
Het grotere, tweede deel gaat over de geestelijke betekenis van allerlei getallen in de Bijbel.

Bullinger besluit zijn voorwoord van dit boek met:
‘Moge het onderzoek van de getallen in de Bijbel in dit boek, Bijbelstudenten stimuleren daarmee verder te gaan; gelovigen versterken in hun allerheiligst geloof en sceptici overtuigen van de Goddelijke perfectie en inspiratie van het Boek der boeken, tot lof en heerlijkheid van God.‘

Meer info & bestellen 'Getallen in de Bijbel - 2e druk'