De rijkdom van Christus - Deel 3 Uitverkiezing en verzegeling

De rijkdom van Christus

Deel 3 Uitverkiezing en verzegeling

De Efezebrief staat bekend om de diepe rijkdommen die erin staan. Dat begint meteen al in het eerste hoofdstuk, waar we bepaald worden bij de rijkdom van de gelovigen. Als één ding in deze brief duidelijk wordt, dan is het wel dit: de rijkdom van Christus ís de rijkdom van de gelovigen! 

In deze artikelenserie gaat het om Efeze 1:3-14. Ditmaal maken we een begin met het eerste en het laatste aspect van de geestelijke zegen. 

De zeven aspecten van de geestelijke zegen 
In het voorgaande artikel (AMEN 187) ging het met name over de plaats waar we gezegend zijn 'met - eigenlijk: 'in' - alle geestelijke zegen. Deze plaats is "in de hemelse gewesten in Christus" (Efe. 1:3). De geestelijke zegen heeft zeven aspecten. In onderstaande structuur is zichtbaar dat ze onderling met elkaar verbonden zijn. In het verlengde hiervan gaat het in Efeze 6 over de zeven onderdelen van de wapenrusting van God.

a. 1. uitverkiezing (vs. 4);
    b. 2. voorbestemming tot zoonschap (vs. 5);
        c. 3. begenadiging (vs. 6);
            d. 4. verlossing (vs. 7);
        c. 4 bekendmaking (vs. 9);
    b. 6. voorbestemming tot een erfenis (vs. 11) en
a. 7. verzegeling (vs. 13).

We gaan in op de uitverkiezing en de verzegeling - zie de punten a. in de structuur.

Wat de opsomming in Efeze 1 betreft, valt ook op dat de eerste zes aspecten van de geestelijke zegen door Paulus worden weergegeven in de wij-vorm en het bijbehorende 'ons'. Bij het zevende en laatste aspect verandert dit in de u-vorm en het bijbehorende 'uw'. Paulus laat hiermee zien dat op het moment van schrijven van de Efezebrief de geestelijke zegen in eerste instantie bestemd was voor gelovigen uit de Joden. Vanaf vers 13 stelt Paulus de heidenen aan hen gelijk door te zeggen: "ook u". Binnen het Lichaam van Christus is er geen verschil meer; beiden worden gebouwd tot één nieuwe mens, in één en hetzelfde Lichaam waarvan Christus Zelf het Hoofd is. Dat is de kern van de boodschap van "het evangelie van de vrede" (vergelijk Efe. 6:15 met Efe. 2:14-18).

De gedachte dat het verlossingswerk in eerste instantie voor Gods volk bedoeld was, komt ook naar voren in de Kolossenzenbrief. Let in Kolossenzen 2:13 en 14 maar eens op het verschil tussen 'u' en 'uw' enerzijds en 'ons' anderzijds: "En Hij heeft u, toen u dood was in de overtredingen en het onbesneden zijn van uw vlees, samen met Hem levend gemaakt door u al uw overtredingen te vergeven, en het handschrift dat tegen ons getuigde, uit te wissen. Dit handschrift was met zijn bepalingen tegen ons gericht, en Hij heeft dat uit het midden weggenomen door het aan het kruis te nagelen".

Uitverkiezing 
God heeft "ons vóór de grondlegging van de wereld in Hem uitverkoren (...), opdat wij heilig en smetteloos voor Hem zouden zijn in de liefde", zegt Efeze 1:4.
Het Griekse woord dat hier vertaald is met 'uitverkoren', luidt letterlijk: 'uit-spreken'. Echter niet in de betekenis van het doen van een uitspraak of het maken van een 'statement'. Nee, het gaat om 'kiezen door uit te spreken'. Bijvoorbeeld: stel dat er een speciale militaire taak door een aantal manschappen moet worden uitgevoerd. De commandant staat voor zijn peloton en roept de namen af van degenen die de opdracht moeten vervullen. Door de namen uit te spreken , kiest hij degenen uit, die hij zal belasten met bedoelde opdracht.
De vorm waarin dit werkwoord in het Nieuwe Testament wordt gebruikt, is de mediale vorm, wat inhoudt: uitkiezen voor zichzelf.
God heeft ons uitverkoren voor Zichzelf. Daar komt nog bij dat 'verkiezen' in de Bijbel altijd een bedoeling heeft. Een timmerman zal een hamer kiezen om een spijker in het hout te slaan. Dit maakt de rest van zijn gereedschap niet waardeloos! Maar voor deze klus heeft hij een hamer nodig.
In Lukas 6:13 komt het werkwoord 'verkiezen' ook voor: "En toen het dag was geworden, riep Hij Zijn discipelen bij Zich en koos er twaalf van hen uit, die Hij ook apostelen noemde …". Er waren veel meer discipelen, maar deze twaalf waren nodig voor een taak. Zo werd ook Judas uitgekozen … (Joh. 6:70, 71 en 13:18).

In Handelingen 9 lezen we van de bekering van Saulus. In Damascus stuurt de Heere een trouwe discipel, Ananias, naar hem toe. Na enige terughoudendheid van Ananias, zegt de Heere: "Ga, want deze is voor Mij een uitverkoren instrument om Mijn Naam te brengen naar de heidenen en de koningen en de Israëlieten ..." (vs. 15). 
De Heere kiest Paulus voor Zich uit om Zijn Naam te brengen onder heidenen en koningen en de kinderen Israëls. Het verdere verloop van het boek Handelingen laat zien hoe Paulus voor deze drievoudige taak gebruikt werd.
Aan het einde van de Handelingentijd - als Paulus deze taak vervuld heeft - schrijft hij in de Efezebrief dat God ons in Christus "vóór de grondlegging van de wereld" heeft uitverkoren. Zoals eerder opgemerkt, hoort bij uitverkiezing een doel. Dat was zo bij de discipelen en bij Paulus, en ook bij ons: "... opdat wij heilig en smetteloos voor Hem (= voor Zijn aangezicht) zouden zijn in de liefde" (Efe. 1:4). Dát is in de Efezebrief het doel dat God op het oog heeft. 

Behalve het Lichaam van Christus worden in de Bijbel ook andere groepen aangeduid met 'uitverkorenen'. Zie bijvoorbeeld Mattheüs 24: "... ter wille van de uitverkorenen zullen die dagen worden ingekort" (vs. 22). Het gaat hier in het bijzonder over de tijd van grote verdrukking voor Israël. Ook een uitspraak als "velen zijn geroepen, maar weinigen uitverkoren" (Matt. 22:14) staat in dat licht.
De uitverkiezing van Israël heeft tot doel: het verkondigen van de grote daden Gods: "Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, een volk dat God Zich tot Zijn eigendom maakte; opdat u de deugden zou verkondigen van Hem Die u uit de duisternis geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht ..." (1 Pet. 2:9). 
In het algemeen mogen we zeggen: een gelovige is een uitverkorene. Gaat het specifiek over de gelovige die deel uitmaakt van het Lichaam van Christus, dan heeft Efeze 1:4 daar betrekking op, maar bijvoorbeeld ook Titus 1:1-4, waar Paulus erop wijst dat hij een apostel is "overeenkomstig het geloof van de uitverkorenen van God ...". 

De relatie tussen de uitverkiezing en de verzegeling met de Heilige Geest 
Een mens kan niet van tevoren zeggen of hij wel of niet uitverkoren is. In ons land zijn er kerken waar mensen hun hele leven nauwgezet proberen te leven overeenkomstig de wet van de HEERE; naar de kerk gaan; in het zwart gekleed gaan als uitdrukking van hun besef van zondigheid; wéten waar het in het evangelie allemaal om draait, maar desondanks dikwijls geen zekerheid van behoud, 'omdat je niet kunt weten dat je uitverkoren bent'. Spurgeon heeft gezegd: 'Als je op het punt staat tot geloof te komen, sta je  voor een deur, waarop staat BEHOUD. Ben je binnengegaan, dan staat op de andere zijde van diezelfde deur: UITVERKOREN!'
Iemand die zijn vertrouwen stelt op de Heere Jezus Christus, is vanaf dat moment een uitverkorene. Het is een blijde zekerheid vanaf het moment van wedergeboorte!

Hiermee zijn we terechtgekomen bij het eerste aspect van de geestelijke zegen (de uitverkiezing) en het laatste (de verzegeling met de heilige geest. Een gelovige mag op grond van de Bijbel zeggen dat hij van de Heilige Geest heilige geest heeft ontvangen.
De relatie tussen uitverkiezing en de werking van de Heilige Geest zien we ook in 1 Thessalonicenzen 1:4 en 5: "Wij weten immers, geliefde broeders, van uw verkiezing door God. Want ons evangelie is niet alleen met woorden tot u gekomen, maar ook met kracht en met de heilige geest en met volle zekerheid ...". Het is voor Paulus duidelijk dat deze Thessalonicenzen uitverkorenen waren en de heilige geest hadden.
In Efeze 1:13b en 14a laat Paulus zien dat dit ook voor ons geldt! We hebben heilige geest ontvangen op het moment dat we tot geloof kwamen, namelijk: toen het Woord van de waarheid het evangelie van ons behoud bleek te zijn. En toen wij gelovig werden, zijn we "verzegeld met de Heilige Geest van de belofte, Die het onderpand is van onze erfenis ...". 
'Tot geloof komen', is beseffen dat God Zijn Zoon heeft aanvaard als offer in onze plaats. Vanaf dat moment hebben we heilige geest ontvangen als 'een onderpand van onze erfenis'. We mogen de gave van de Heilige Geest zien als een bewijsstuk van onze erfenis. Ook Titus 3:4-7 getuigt ervan dat we de heilige geest ontvingen op het moment dat we tot geloof kwamen, onze wedergeboorte.

Christus, de Uitverkorene 
In Psalm 89:20 en 21 staat: "Eens hebt U in een visioen gesproken over Uw heilige, en gezegd: Ik heb een held van hulp voorzien, Ik heb een verkorene uit het volk verheven. Ik heb David, Mijn dienaar, gevonden; met Mijn heilige olie heb Ik hem gezalfd" (vgl. 1 Sam. 16:12 en 13). Dat David deze verkorene was, bleek toen hij door Samuel gezalfd werd. Deze zalving is uiteindelijk een beeld van de heilige geest (Luk. 4:18a). 

Christus is dé Uitverkorene, Hij is de gezalfde (= Messias). Bij de verheerlijking op de berg, verklaart de Vader vanuit de hemel: "Deze is Mijn Zoon, de uitverkorene, hoort naar Hem!" (Luk. 9:35; N.B.G.-'51-vertaling).
Wat een diepe betekenis krijgt Efeze 1:4 dan! Inderdaad: de rijkdom van Christus ís de rijkdom van de uitverkorenen. De plaats die God Zijn Zoon heeft toebedeeld, heeft Hij in Zijn grote genade ook ons toebedeeld. Christus is de uitverkorene en wij in Hem. Opdat wij "heilig en onberispelijk zouden zijn voor Zijn aangezicht" (Efe. 1:4) en "heilig en onbesmet en onberispelijk" vóór Hem" (Kol. 1:22).

Meer artikelen in de serie "De rijkdom van Christus":

Duizenden lezers gingen u voor. Ondersteun AMEN. Word ook abonnee!

Nieuw in de Morgenroodreeks

De Morgenroodboekjes komen uit in de Morgenroodreeks: een serie Bijbelstudieboekjes die sinds 1960 wordt uitgegeven. De in deze reeks verschenen boekjes zijn handzaam en praktisch en helpen je verder om de Bijbel beter te leren kennen.

Bijbel en/of Wetenschap

De relatie tussen Bijbel en wetenschap is er één van water en vuur. Wie zegt dat hij gelooft dat God alles geschapen heeft en dat Adam en Eva echt bestaan hebben, wordt vanuit het 'andere kamp' wat meewarig aangekeken ... 'Gelóóf jij dat nog?'.
Dat geloof ook in de wetenschap een grote rol speelt, vergeet men voor het gemak maar even. Maar het is toch echt zo: eerst wordt bedacht hoe het zou kunnen zijn (theorie, aannames, uitgangspunten, geloof) en vervolgens worden daar de bewijzen bij gezocht en zegt men: zie je wel?!
Wanneer wetenschap ons dichter bij de waarheid brengt, is dat alleen maar goed. In de afgelopen zes eeuwen is er binnen de wetenschap echter een proces werkzaam waarbij de Bijbel geleidelijk buitenspel is gezet.

Dit boekje is geschreven met de rotsvaste overtuiging, dat de Bijbel het Woord van God is. Het is een geactualiseerde versie van het Morgenroodboekje Bijbel & Wetenschap (2013).

Ook als e-book verkrijgbaar!

Meer info & bestellen 'Bijbel en/of Wetenschap'

Psalm 4 - Een avondlied

De slotwoorden van Psalm 4 zijn bekend: "In vrede zal ik gaan liggen en weldra slapen, want U alleen, HEERE, doet mij veilig wonen". David werkt in deze psalm naar deze vredige rust toe. Voor hij zich kan overgeven aan de slaap roept hij God aan en schrijft hij over zijn benauwdheid en doet hij een beroep op Gods genade. Ondanks alle tegenstand roept hij op te vertrouwen op de HEERE. In het licht van Gods aangezicht geniet hij van de blijdschap die God overvloedig in zijn hart gegeven heeft.
Zie hier de inhoudsopgave van dit boekje.

Ook als e-book verkrijgbaar!

Meer info & bestellen 'Psalm 4 - Een avondlied'

De NAMEN in de Bijbel - 3e druk

In de Bijbel hebben namen een belangrijke betekenis. Vaak leren zij ons iets over het wezen en de aard van een persoon of een plaats. Bijbelse geschiedenissen krijgen meer 'kleur' wanneer we de betekenis kennen van de namen, die er in voorkomen.

Een 'saai' hoofdstuk als Genesis 5 gaat opeens leven. We begrijpen misschien iets meer van de grootte en het karakter van Abrahams geloof in Genesis 22, als we weten wat de betekenis is van Moria. De geschiedenis van de geboorte van Benjamin (Genesis 35) blijkt, wanneer we de betekenis van de namen in dit gedeelte onderzoeken, een grote profetische diepgang te hebben met betrekking tot de Heere Jezus Christus, Die ook in Bethlehem (= broodhuis) geboren werd ...

Zo zijn er vele voorbeelden te noemen, waarbij de betekenis der namen meer zicht geeft op de rijke inhoud van Bijbelse geschiedenissen. Met dit boek kunt u het zelf ontdekken.

Dit is inmiddels de derde druk van deze unieke uitgave!

  • Met een complete lijst met alle namen in het Oude en Nieuwe Testament; 
  • Voorzien van de Hebreeuwse en Griekse grondtekst (en de uitspraak daarvan);
  • De namen van God staan in de spelling van de Statenvertaling, de Herziene Statenvertaling, de NBG-’51-vertaling en de NBV;
  • Elke naam is voorzien van een betekenis, dan wel waarschijnlijke betekenis; 
  • Inclusief een complete lijst met alle schriftplaatsen waar de namen voorkomen, waar nodig uitgesplitst in verschillende personen, plaatsen, etc.;
  • Prachtige en stevige uitvoering;
  • Mooi om te hebben, maar ook heel mooi om weg te geven!

Meer info & bestellen 'De NAMEN in de Bijbel''