Licht in de duisternis

Licht in de duisternis

Toen in het begin van de tijd de hemelen en de aarde geschapen waren, bleek dat de aarde woest en ledig geworden was en dat er duisternis over de watervloed lag.
De Geest van God zweefde of broedde daarboven en Hij kwam tot de conclusie dat er helderheid moest komen. Het eerste wat de Schepper toen deed, was licht in deze duisternis brengen. En Hij is zo machtig dat alleen woorden genoeg zijn: ‘Laat er licht zijn, en er was licht’. En God zag dat het licht goed was.

Het licht verdringt de duisternis
Dat is dus het fundamentele doel van licht: duisternis verdringen. Maar duisternis en donkerheid worden vaak ook overdrachtelijk genoemd m.b.t. het volk Israël, zoals Jesaja 9:1 beschrijft: “Het volk dat in duisternis wandelt zal een groot licht zien.” En omdat wij heel wat eeuwen later leven, weten we dat het ook zo is gebeurd.
Regelmatig worden er licht-manifestaties beschreven in de Bijbel. Als de Farao van Egypte dwars ligt en het volk Israël niet wil laten gaan (Ex. 10:21-29) dan zorgt de Heere God voor een totale en massieve duisternis in Egypte, drie dagen lang: “Zij zagen elkaar niet en drie dagen lang stond niemand op van zijn plaats. Voor alle Israëlieten echter was het licht in hun woongebieden” (vs. 23).
Er is een stad in die regio, die heet: Heliopolis, en dat betekent: Stad van de zon. Zou die naam nog uit de tijd van Exodus 10 dateren?
De wijzen uit het Oosten (Babel) werden met behulp van een lichtende ster naar de plaats gestuurd waar ‘Het Licht der wereld’ geboren was.
Toen Simeon in de tempel de kleine Jezus in de armen mocht houden, sprak hij van ‘een licht om de heidenen te verlichten en om uw volk Israël te verheerlijken’ (Luk. 2:32). Het is een citaat uit Jesaja 42, vers 6: een licht voor de heidenen/ om blinde ogen te openen/ gevangenen uit de kerker te leiden/ uit de gevangenis wie in duisternis zitten.
In het evangelie naar Johannes wordt de Messias omschreven als het ‘Licht’: “In het Woord was het leven en het leven was het licht van de mensen. En het licht schijnt in de duisternis, en de duisternis heeft het niet begrepen” (Joh. 1:4).
En over de verheerlijking op de berg, in Lukas 17, wordt gezegd: “En Hij werd voor hun ogen van gedaante veranderd: Zijn gezicht straalde als de zon en Zijn kleren werden wit als het licht.”
Nog een prachtige manifestatie van licht wordt in Handelingen 9:3 beschreven: “En terwijl hij (Paulus-OV) onderweg was, gebeurde het dat hij dicht bij Damascus kwam. En plotseling omscheen hem een licht vanuit de hemel.”
De Heere gaat Zich persoonlijk en direct met Saulus bemoeien en dat gaat gepaard met een grote licht-manifestatie.

Wat is licht precies?
Het licht dat wij kennen is een elektromagnetische straling met een zeer hoog trillingsgetal (frequentie). Heel fundamenteel ontstaat licht doordat elektronen weer terugkeren in hun oorspronkelijke baan na te zijn aangestoten. Bij die terugkeer zenden ze fotonen uit en dat ervaart ons oog als licht. Het licht waarmee de zon ons verlicht en verwarmt, bestaat uit een heel breed spectrum waarin we alle kleuren van de regenboog kunnen vinden. Maar de zon straalt meer uit dan waar ons oog gevoelig voor is, want hij verwarmt ons ook en dat noemen we infrarode straling, oftewel warmte. Die frequentie is lager dan die van zichtbaar licht, maar we kunnen het wel voelen op onze huid en het wordt in de huid omgezet in vitamine D, waar we niet zonder kunnen.
Wordt de frequentie nog lager dan noemen we het ‘radiogolven’ die we niet meer kunnen voelen, maar we stemmen onze radio erop af en kunnen ze dan horen.
Maar het feit dat we niet alles kunnen zien en voelen wil niet zeggen dat we er ongevoelig voor zijn. Hogere frequenties, zoals ultraviolet en röntgenstraling zijn echt niet gezond voor de mens en intensieve radiostraling ook niet. Gaan we nog hoger dan komen we bij radioactieve straling en die is dodelijk.
Een röntgenfoto van een paar tienden van een seconde valt wel mee, maar daar zijn ook restricties voor. Moet ook niet te vaak, de ontdekker van deze straling, de heer Röntgen is aan de gevolgen ervan gestorven.
Verder is er nog de straling van ons mobieltje waaraan we dagelijks blootgesteld worden. Het is niet onmiddellijk dodelijk, maar gezond is het niet. Daar zijn ook normen en wetten voor, maar bijna niemand interesseert zich ervoor of controleert die.

Duisternis
De definitie van ‘duisternis’ is eigenlijk heel simpel: alle licht ontbreekt. En alle zicht dus ook: je tast in het duister. Bij totale duisternis raakt de mens al gauw gedesoriënteerd. Je weet niet meer wat voor of achter is en angst komt al gauw om de hoek kijken. Persoonlijk heb ik het eens meegemaakt in diepe grotten in een heuvel op Curaçao, waar de rondleider even het licht uit deed; dan pas weet je hoe heerlijk het is om in het licht te wandelen. Dat merkte ik ook jaren geleden, toen er rond 12.00 uur een gedeeltelijke zonsverduistering plaatsvond in ons deel van de aarde. Het werd inderdaad een stuk donkerder en ook een stuk kouder, en dat laatste was beangstigend zomaar op een warme zomerse dag. Ik kreeg er kippenvel van. 
Een mens kan ook verduisterd zijn in zijn denken, dan is er geen lichtpuntje en kun je behoorlijk gaan dwalen en je overal aan stoten. Dat wordt opgeklaard als je de Heere Jezus leert kennen en aanvaarden als het Licht der wereld. En de Bijbel is een lamp voor onze voet en een licht op ons pad, volgens Psalm 119:105. En Psalm 18:29 zegt: “Want U doet mijn lamp schijnen, HEERE; mijn God doet mijn duisternis opklaren.”

De mens maakt ook licht
Dat viel in het begin nog niet mee. Probeer maar eens vuurtje te maken als je geen lucifers hebt. Dat ging vroeger met vuurstenen die je dan hard tegen elkaar moest ketsen in de hoop dat er een vonkje vanaf vliegt. Die vonk is een klein splintertje steen dat door de klap zichtbaar gloeit. Dat moet je dan opvangen in wat kurkdroge pluis of een stukje van de tondelzwam, die gemakkelijk vlam vat. Als dat lukt, heb je warmte en licht, en kun je iets onderscheiden in het donker.
Het begon dus met simpele vuurtjes en de olielamp. Had je meer licht nodig dan was er de fakkel en nog later de waskaars die al een brandduur van meerdere uren had. Er waren zelfs tijdkaarsen waar urenstreepjes op stonden, dan kon je zien hoeveel branduren de kaars nog mee zou gaan. Later werd de olielamp verbeterd; er werd een glas omheen gedaan om de zuurstoflucht naar de vlam te leiden, zodat de verbranding beter was en meer licht werd uitgestraald.
Dat leidde weer tot o.a. de stormlantaarn, die er nog steeds is, en petroleum-vergassers. Nog later, toen de eerste stappen met elektriciteit werden gezet, kwam het elektrische licht. Eerst de kooldraadlamp, met later een metalen draad in een vacuüm glazen bol. Maar het rendement bleef laag, hooguit 5 - 10 % en de rest was warmte.
Met TL -licht ging het rendement flink omhoog (50 %) en met de LED werd vooral de levensduur vergroot. Gevolg: kunstlicht in vele vormen en maten. Vanuit de ruimte ziet de aarde eruit als een kerstboom. Miljarden tonnen steenkool, olie en aardgas worden verstookt om de mensheid bij te lichten op zijn duistere pad.

Het Licht der wereld
De Heere God zorgde voor echte verlichting door de mensheid een groot Licht te brengen. Dat gaat over de geboorte van de beloofde Verlosser, Jezus Christus. Boven citeerden we al Johannes 1:4.
Johannes de doper was het licht zelf niet, volgens vers 8, maar hij was gezonden om van het Licht, nl. Christus, te getuigen.
Buiten Christus wandelen is wandelen in de duisternis. Het Licht aanvaarden en geloven brengt een enorme verlichting. Daarna kun je in het Licht gaan wandelen.

Het Johannes-evangelie spreekt over Licht:
Johannes 8:12 “Jezus sprak dan opnieuw tot hen en zei: Ik ben het Licht de wereld: wie Mij volgt, zal beslist niet in de duisternis wandelen, maar zal het Licht van het leven hebben.”
Johannes 9:5 ‘Zolang Ik in de wereld ben, ben Ik het Licht der wereld’ (Gr. kosmos).
Johannes 12:35-36 “Jezus dan zei tegen hen: Nog een korte tijd is het Licht bij u, wandel zolang u het licht hebt, opdat de duisternis u niet overvalt.”
Johannes 12:46 “Ik ben een licht, in de wereld gekomen opdat ieder die in Mij gelooft, niet in de duisternis blijft.”
Simpel en duidelijk. In Christus geloven en met Hem wandelen betekent: in Zijn Licht wandelen. Zonder Christus is het aardedonker om je heen.

Donkerheid en duisternis
Deze begrippen komen we nogal eens tegen in de Bijbel. Volgens Jesaja 45:8 ‘formeert’ God het licht en ‘schept’ Hij de duisternis. De Heere God Zelf is Licht en dat hoeft Hij dus niet te scheppen, maar Hij formeert het. Hij geeft er vorm aan, zodat Hij er iets mee kan doen. Zo nu en dan, als de omstandigheden Hem daartoe roepen, schept Hij duisternis. Soms als straf voor Israël, omdat het zijn eigen gang gaat en hun God verlaten heeft. Daarom wandelde het volk in duisternis, volgens Jesaja 9:1, maar ‘zal het een groot licht zien’.
Soms ook letterlijk, bijvoorbeeld de diepe duisternis in het land Gosen in Egypte, zoals hier boven al beschreven. En denk aan de ingrijpende gebeurtenis op Golgotha, waar drie uren lang een diepe duisternis was. Het Licht der wereld had Zich terug getrokken. Mattheüs 27:46 getuigt: “… en vanaf het zesde uur kwam er duisternis over heel de aarde, tot het negende uur” (d.i. van 12.00 u tot 15.00 u onze tijd, midden op de dag dus).
Figuurlijke duisternis trad op bij Abram, zoals beschreven in Genesis 5, vers 12: “En het gebeurde, toen de zon bijna onderging, dat er een diepe slaap op Abram viel. En zie een grote schrikwekkende duisternis viel op hem.” Buiten begon het te schemeren, maar Abram was zeer diep in slaap en het lijkt wel of hij iets van een nachtmerrie kreeg, want de duisternis die alleen hij meemaakte, was ‘groot en schrikwekkend’. En op datzelfde moment sluit de Heere God een verbond met Abram en vertelt gedetailleerd wat dat allemaal inhoudt. Juist om aan te geven dat dit verbond volledig voor verantwoordelijkheid van de Heere God is en helemaal uit Zijn koker komt.
Tegenwoordig worden we nogal eens geconfronteerd met nepnieuws waarin de dingen verkeerd voorgesteld worden. Dat was ook al in Jesaja’s tijd: “… wee hun die het kwade goed noemen en het goede kwaad: die duisternis voorstellen als licht en licht als duisternis: die bitter voorstellen als zoet en zoet als bitter” (5:20). Niets nieuws onder de zon dus.

Er is nog meer wat licht geeft in de schepping
Om te beginnen natuurlijk de grote lichten, zoals de zon en de maan. En er zijn ook nog miljoenen sterren aan de hemel die allemaal meer of minder licht uitstralen en toch is de hemel voornamelijk donker tijdens wolkenloze nachten.
Er zijn ook dieren, planten en mineralen die licht geven. Zo zijn daar de vuurvliegjes en glimwormen, en ook sommige vissen en planten. Dit fenomeen heet: Bioluminescentie, het uitstralen van licht door organismen. 
Zelfs de zee kan oplichten. Prachtige, lichte wolken kunnen de oceanen doen oplichten door miljoenen kleine zeediertjes genaamd: Zeevonk (Pyrocystic noctiluca). Ze zijn iets van 0,2 mm lang en ze geven meer licht naarmate er meer zuurstof in het water zit. Storm en het breken der golven bevorderen dat.
Tip: Haal een emmertje zeewater naar huis en roer erin in een totaal verduisterde ruimte en de zeevonken zullen hun naam eer aandoen. Ze verzamelen zich aan de oppervlakte en als je tegen het glas aantikt gaan ze vonken.
Ook fosfor in het water kan de zee groenachtig doen oplichten. De lichtgevende kniptor (Pyrophorus) uit Zuid-Amerika is een bekend voorbeeld. Dat is een beestje met in zijn achterlichaam een lichtgevend orgaan, dat behoorlijk fel licht geeft. De buitenlaag van de schijnwerper is licht doorlatend. Daaronder zit een pigment dat ‘luciferine’ heet, dat m.b.v. water en zuurstof oxideert met een tweede stof genaamd: luciferase. Deze chemische reactie geeft licht en de daaronder liggende laag is de reflector die ervoor zorgt dat alle licht naar buiten uitgestraald wordt.
Dat deze lichtbron door de Schepper is gemaakt, blijkt wel uit het rendement van meer dan 98 procent! Dat halen onze lampen op geen stukken na.
Het bijzondere is dat de mannelijk tor met zijn lichtbron pulseert. Exact iedere 5,7 seconden zet hij zijn schijnwerper even aan en alle mannetjes in zijn omgeving synchroniseren hun licht op deze puls. Dan kan dus een heel koor van deze torren in een boom een mooie, knipperende lichtshow geven. De vrouwtjes zien dat en geven dan precies 2,1 seconde later een lichtflits terug, ten teken dat ze er zijn en het gezien hebben. Het heeft natuurlijk alles te maken met elkaar lokken en de aanloop naar de paring om het voortbestaan van de soort te realiseren.
Er is nog een lichtgevende tor die knippert met zijn lichtbron. Hij doet dat niet zoals de kniptor, maar hij seint met lichtpulsen van verschillende lengtes. Het fascinerende is dat hij één korte puls geeft, gevolgd door drie lange pulsen.
Dat schrijf je dus zo: . - - - Ik kijk daar toch wel van op, want als radioamateur ken ik het morse-alfabet; dit is de code voor de letter J. En de Naam die van doorslaggevende betekenis is voor de mensheid begint ook met de letter J van Jahweh (en Jezus). Prachtig toch?
Dan zijn er nog de larven van sommige vuurvliegjes, die licht geven en als een kikker er veel van verorberd heeft, gaat de kikker zelf ook licht geven in het donker.
Dat vind ik een mooi voorbeeld van een gelovige. Als een gelovige veel van het licht van Gods Woord tot zich neemt, gaat hij geestelijk ook stralen. Vooral als het donker om ons heen wordt en de problemen hier beneden toenemen en ons dreigen te beïnvloeden. Juist dan komen deze gelovigen boven drijven en kunnen een lichtend voorbeeld zijn voor anderen.

En de toekomst?
Jesaja 29:18 zegt: “Op die dag zullen de doven horen de woorden van het Boek, en, verlost van donkerheid en duisternis, zullen de ogen van de blinden zien.”
Wij zijn ook overgegaan van het donker naar het licht, volgens Efeze 5, vers 8: “Want u was vroeger duisternis, maar nu bent u licht in de Heere: wandel als kinderen van het licht…“
Dit heeft alles te maken met onze nieuwe status in Christus. God, de Vader “…heeft ons getrokken uit de macht van de duisternis en overgezet in het Koninkrijk van de Zoon Zijner liefde” (Kol. 1:13). Het gaat hier niet over de staat waarin we nu verkeren, maar over de nieuwe hemelse status die we van God hebben gekregen. Het gevolg van deze overgang van duisternis naar hemels licht, is: “Want ons burgerschap is echter in de hemelen, waaruit we ook de Zaligmaker verwachten…”
En nu mogen wij als hemelburgers vanuit deze bijzondere verhoogde en verlichte positie alles hier beneden beschouwen. Wij kijken daar met andere ogen naar, vergeleken met de ongelovigen om ons heen. 
En als er in de toekomst nieuwe hemelen en een nieuwe aarde zijn, ontstaat er weer een nieuwe situatie, zonder zon en maan, en toch zal alles prachtig en stralend verlicht zijn: “En de stad heeft de zon en de maan niet nodig om haar te beschijnen, want de heerlijkheid van God verlicht haar en het Lam is haar lamp. En de naties die zalig worden, zullen in haar licht wandelen, en de koningen van de aarde brengen hun heerlijkheid en eer erin” (Opb. 21:23).
Vers 25: “En haar poorten zullen overdag nooit gesloten worden, want daar zal geen nacht zijn.” Dus geen zon, geen maan en geen nacht. Geen kunstlicht, geen giftige batterijen en stinkende, elektrische centrales, maar de heerlijkheid van God en het Lam is de grote lichtbron (zie ook Opb. 22:5). Dan is het Lam niet alleen overdrachtelijk ‘het Licht der wereld’, maar ook daadwerkelijk.
Jesaja 60:1-3 zegt: “Sta op, wordt verlicht, want uw licht komt en de heerlijkheid van de Heere gaat over u op. Want zie, de duisternis zal de aarde bedekken en donkere wolken de volken, maar over u zal de Heere opgaan en Zijn heerlijkheid zal over u gezien worden. En heidenvolken zullen naar uw licht gaan en koningen naar de glans van uw dageraad.” Dat is toekomstmuziek.
En wat het heden betreft, zegt Paulus over ons: “Want u was voorheen duisternis, maar nu bent u licht in de Heere, wandel als kinderen van het Licht want de vrucht van de Geest bestaat in alle goedheid en rechtvaardigheid en waarheid en beproef wat de Heere welbehaaglijk is” (Efe. 5:8).

Duizenden lezers gingen u voor. Ondersteun AMEN. Word ook abonnee!

Nieuw in de Morgenroodreeks

De Morgenroodboekjes komen uit in de Morgenroodreeks: een serie Bijbelstudieboekjes die sinds 1960 wordt uitgegeven. De in deze reeks verschenen boekjes zijn handzaam en praktisch en helpen je verder om de Bijbel beter te leren kennen.

ADAM als type van Christus

Hoeveel Bijbelse figuren er ook als type of beeld van Christus zijn aan te wijzen, nergens worden zij in de Schrift letterlijk zo genoemd. Op één na! En dat is Adam. In Romeinen 5:14 lezen wij dat hij "een voorbeeld is van Hem Die komen zou".

In dit boekje gaat het over Adam. Wat kunnen we leren over de positie en opdracht van de eerste mens? En hoe wordt dit alles vervuld in de tweede Mens, Christus?

Ook als e-book verkrijgbaar!

Meer info & bestellen 'Adam als type van Christus'

Belangrijke dagen in de Bijbel

In de Bijbel wordt op uiteenlopende wijze gesproken over de dag. Denk bijvoorbeeld aan de scheppingsdagen, de dag van Christus, de dag des HEEREN, de menselijke dag, etc.
Soms gaat het om een dag van 12 uur, soms van 24 uur en soms heeft 'dag' betrekking op een periode van meer dan 1000 jaar.
Met behulp van dit boekje willen we proberen daar wat meer inzicht in te krijgen.
We onderzoeken welke volgorde er in deze dagen is te ontdekken.
Goed om te weten is ook dat God ons dag aan dag draagt, "die God is ons heil"! (Ps. 68:20).

Ook als e-book verkrijgbaar!

Meer info & bestellen 'Belangrijke dagen in de Bijbel'

Uitgaven van Everread Uitgevers

Everread geeft naast de Morgenroodreeks ook andere Bijbelstudieboeken uit; jaarlijks verschijnen er 2 á 3. Wie een Everread-abonnement heeft, ontvangt deze Bijbelstudieboeken automatisch in huis  met een korting van 25%!

Het boek HANDELINGEN

Handelingen is een sleutelboek in de Bijbel. Het is geschreven door Lukas, een trouwe metgezel en medewerker van de apostel Paulus. Samen met het Lukasevangelie omvat zijn geschiedschrijving - van Lukas 1 tot en met Handelingen 28 - een doorlopende lijn van circa 66 jaar.

Handelingen is een geschiedkundig boek waarin de voortgang van het heilshandelen van God beschreven wordt, nadat de hemelvaart van Christus en de uitstorting van Gods Geest hebben plaatsgevonden.
De inleiding van dit Bijbelboek (Handelingen 1:1-11) laat zien waar het over gaat. Dit is samen te vatten in drie kernbegrippen: koninkrijk, getuigenis en wederkomst. Daarbij gaat het over de vraag of het koninkrijk (binnenkort) op aarde zou worden gevestigd, over de voortgang van het getuigenis en de betekenis van de opeenvolgende uitstortingen van Gods Geest én over het uitzicht op de (spoedige) komst van de Heere Jezus Christus.

Handelingen is ook een overgangsboek. Eerst draait het vooral om hetgeen Petrus doet en zegt, later komt Paulus in beeld en gaat het over zijn werk en verkondiging. Het boek laat een duidelijke lijn zien in het getuigenis dat zich van Jeruzalem naar Rome verplaatst.
Het is uitermate belangrijk om die lijn nauwkeurig te volgen! Dat voorkomt misverstanden (bijvoorbeeld over de plaats van de gemeente en Israël) en geeft duidelijkheid over de achtergrond en betekenis van de brieven in het Nieuwe Testament.
Kortom, een fascinerend boek, dat ook een heldere kijk geeft op Gods bedoeling in deze tijd!

Dit Bijbelstudieboek bevat twee delen. Het eerste deel beschrijft de hoofdlijnen van Handelingen; in deel 2 wordt gedeelte voor gedeelte het boek Handelingen doorlopen. Verder zijn in dit boek diverse bijlagen en tijdlijnen opgenomen en een tekstenregister.

Meer info & bestellen 'Het boek HANDELINGEN'