‘De Bijbel heeft toch gelijk’

‘De Bijbel heeft toch gelijk’

Werner Keller (1909-1980) was een Duitse journalist en schrijver. Hij verzamelde in de jaren na WO II resultaten van archeologisch onderzoek in het Midden-Oosten (vooral uit de 19e en vroege 20e eeuw). Hij presenteerde deze op populaire, toegankelijke wijze voor een breed publiek in het boek ‘De Bijbel heeft toch gelijk’. Het boek werd een wereldwijde bestseller en maakte archeologie toegankelijk buiten academische kringen.

Nu weten gelovigen natuurlijk dat de Bijbel altijd gelijk heeft. Daar hoeven zij geen (archeologische) bewijzen voor te hebben. Immers, de Bijbel is het Woord van God, de Waarheid, en heeft derhalve absolute autoriteit. Keller koos de titel destijds omdat hij door archeologische ontdekkingen overtuigd was geraakt dat veel sceptische kritiek op de Bijbel onterecht was. Archeologische vondsten (zoals vermeldingen van Bijbelse koningen, steden, gebruiken en gebeurtenissen) bevestigen keer op keer de betrouwbaarheid van Bijbelse verhalen en gebeurtenissen. 
Archeologie en de Bijbel vormen al eeuwen een fascinerend onderzoeksgebied. Zo hebben bijvoorbeeld in de afgelopen 150 jaar opgravingen in het Midden-Oosten talloze artefacten, inscripties en locaties blootgelegd die direct of indirect verband houden met de verhalen uit het Nieuwe Testament. In de vorige AMEN Actueel stond dit item: “Belangrijk Bijbelmanuscript uit de 6e eeuw ontdekt”. Daarbij gaat het om delen van Paulus’ brieven. 
Bryan Windle, verbonden aan de Associates for Biblical Research, stelde eerder, in 2019, een lijst samen van de top tien ontdekkingen die specifiek het Nieuwe Testament raken. Op de website Bible Archaeology Report is deze top-tien gepubliceerd en de lijst richt zich vooral op vondsten die inmiddels breed geaccepteerd zijn in de academische wereld.
De criteria zijn helder: de ontdekking moet direct gerelateerd zijn aan Bijbelse personen, volkeren, plaatsen of gebeurtenissen, of aan de totstandkoming van de Bijbel zelf. Ze vormen samen mooie bevestiging van de nauwkeurigheid van de Evangeliën en de Handelingen van de apostelen.

1. Hielbeen van de gekruisigde man
Archeologisch gezien is het belangrijkste bewijsstuk voor de Romeinse kruisiging het ‘hielbeen van de gekruisigde’. Hoewel veel auteurs over kruisigingen schreven (Josephus, Plautus, Senneca), konden wetenschappers dankzij de ontdekking van een hielbeen van een gekruisigd slachtoffer – met de spijker er nog in – de Romeinse executiemethode uit eerste hand analyseren. Deze ontdekking bevestigt de beschrijving van de kruisiging in de Bijbel, inclusief het vastnagelen van de voeten en het breken van de benen (Joh. 19:31-33).

2. P 52 Manuscript (fragment van het Johannes-evangelie)
Het oudste document van het Nieuwe Testament is een fragment van het Evangelie van Johannes, bekend als de Rylands Library Papyrus P 52 (meestal afgekort tot P 52 ). Het meet 8,9 cm bij 6 cm en bevat delen van Johannes 18:31-33 aan de ene kant en delen van de verzen 37-38 aan de andere kant, geschreven in het Grieks. Het papyrusmanuscript is gedateerd tussen 125 en 175 na Christus. Aangezien de apostel Johannes zijn Evangelie waarschijnlijk ergens aan het einde van de 1e eeuw na Christus schreef, betekent dit dat we een exemplaar hebben dat minder dan 100 jaar na de oorspronkelijke schrijftijd dateert.

3. De Pilatus-steen
In 1961 vond men in Caesarea een kalkstenen blok met de inscriptie “Pontius Pilatus, prefect van Judea”. Dit bevestigt Pilatus’ bestaan en correcte titel (prefect, niet procurator). Meer recentelijk is een tweede artefact met de naam van Pilatus erop aan het licht gekomen. In 2018 werd een koperen ring, die tijdens de opgravingen van 1968-1969 in het Herodium was gevonden, gereinigd, gefotografeerd en geanalyseerd. Daarbij kwam de Griekse inscriptie "van Pilatus" aan het licht.

4. De Gallio-inscriptie 
In Handelingen 18 verschijnt Paulus voor proconsul Gallio in Korinthe. Fragmenten uit Delphi (ontdekt begin 20e eeuw) bevatten een brief van Claudius over “mijn vriend Junius Gallio, proconsul van Achaia”. De inscriptie dateert de ambtstermijn van Gallio precies (51-52 na Chr.), waardoor Paulus’ verblijf in Korinthe gedateerd kan worden. Dit is een belangrijke chronologische ankerpunt voor de vroege kerkgeschiedenis. (Foto: Gallio-Inscription-Detail - HolyLandPhotos.org)

5. De Nazareth-inscriptie
Deze marmeren plaat, door Wilhelm Fröhner verworven in 1878 en later in de Nationale Bibliotheek van Parijs gebracht, bevat een edict van een keizer (waarschijnlijk Claudius, 41-54 na Chr.). Het stelt de doodstraf in voor het stelen van lichamen uit graven, specifiek uit verzegelde tomben zoals die van Jezus. De inscriptie lijkt gericht tegen Joden en zou een reactie kunnen zijn op het gerucht dat discipelen Jezus’ lichaam gestolen zouden hebben (Matt. 28:13-15). Hoewel recente studies het verband nuanceren (mogelijk afkomstig van Kos en ouder), blijft het een intrigerend artefact dat de vroege spanningen rond de opstandingsboodschap illustreert.

6. Tempel-inscripties 
De Tweede Tempel (de tempel van Herodes) werd in 70 na Chr. verwoest, waardoor directe resten schaars zijn. Twee inscripties werpen licht op de tempel uit de tijd van Jezus. De Tempelwaarschuwing (ontdekt in 1871 en een tweede fragment in 1935) verbood niet-Joden onder dreiging van de dood verder te gaan dan de voorhof der heidenen. De tekst komt overeen met beschrijvingen van Josephus. Paulus verwijst mogelijk naar deze ‘scheidingsmuur’ in Efeziërs 2:14. De Trompet-inscriptie (ontdekt in 1968) is een steenblok met de tekst: “Naar de plaats van het trompetten”. Het maakte deel uit van de borstwering boven de plek waar priesters op de trompetten bliezen, zoals beschreven door Flavius Josephus (ca. 37-100). Beide inscripties brengen de tempel tot leven en bevestigen de nauwkeurigheid van Bijbelse beschrijvingen.

7. De ossuarium*) van Kajafas  
In 1990 stootte een bulldozer bij Jeruzalem door het dak van een eerste-eeuws graf. Onder de ossuaria bevond zich een rijk versierd exemplaar met de inscriptie “Jozef, zoon van Kajafas”. In de kist lagen de botten van zes personen, onder wie die van een man van ongeveer 60 jaar – de vermoedelijke leeftijd van Kajafas. Hij was de hogepriester die het proces tegen Jezus leidde (Matt. 26, Joh. 11). Flavius Josephus vermeldt zijn volledige naam: Joseph Kajafas, en zijn ambtstermijn (18-36 na Chr.). Deze ossuarium en de mogelijke resten van Kajafas zelf bieden zeldzaam fysiek bewijs voor een sleutelfiguur in het passieverhaal. Het artefact ligt nu in het Israël Museum te Jeruzalem.
*) Een ossuarium, ook wel een knekelhuis genoemd, is een speciale opslagplaats of gebouw waar menselijke beenderen en skeletresten worden bewaard.

8. De Erastus-inscriptie
In Romeinen 16:23 doet Paulus vanuit Korinthe de groeten van “Erastus, de rentmeester van de stad”. In 1929 vonden archeologen in Korinthe een inscriptie op een plaveisteen bij het theater: “Erastus, in ruil voor zijn aedileschap, heeft [dit plaveisel] op eigen kosten gelegd.” De inscriptie dateert uit het midden van de eerste eeuw. Een aedile was een hoge functionaris, verantwoordelijk voor openbare gebouwen, straten, markten en de organisatie van spelen. Hoewel de termen niet identiek zijn, past oikonomos (rentmeester, lett.: huishouder) goed bij de taken van een aedile. Dit maakt het zeer waarschijnlijk dat de Bijbelse Erastus dezelfde persoon is: een welgestelde Korinthische official die bijdroeg aan de infrastructuur. De vondst bevestigt Paulus’ contacten met invloedrijke figuren in Korinthe.

9. Het bad van Siloam 
In Johannes 9 geneest Jezus een blinde man door modder op zijn ogen te smeren en hem naar het badwater van Siloam te sturen om zich te wassen. Eeuwenlang bezochten pelgrims een Byzantijns bad uit de 5e eeuw, maar de precieze locatie uit Jezus’ tijd bleef onbekend tot 2004. Tijdens rioleringswerkzaamheden in Jeruzalem kwamen oude trappen tevoorschijn. Opgravingen legden een groot bad bloot met minstens 20 trappen. Middels het aardewerk werd het bad in de eerste eeuw na Christus gedateerd. Het lag exact op de verwachte plek, slechts 70 meter van het Byzantijnse bad. De vondst bevestigt niet alleen de topografische nauwkeurigheid van het Johannesevangelie, maar toont ook hoe archeologie Bijbelse locaties letterlijk zichtbaar maakt voor hedendaagse bezoekers.

10. Inscripties van Sergius Paulus
In Handelingen 13 lezen we hoe Paulus en Barnabas op Cyprus de proconsul Sergius Paulus ontmoeten, die tot geloof komt. Lukas noemt hem “een verstandig man” (Hand. 13:7). Dit klopt, want Sergius Paulus was ook een auteur uit de eerste eeuw. Verschillende inscripties verwijzen naar de familie Sergii Paulii, een prominente Romeinse familie. In 1877 vond men bij Soli (nabij Paphos) een inscriptie over “de proconsul Paulus”. Een Romeinse inscriptie uit de jaren 40 noemt Lucius Sergius Paulus als curator van de Tiber, onder keizer Claudius. Meerdere inscripties bij Pisidisch Antiochië noemen een ‘L. Sergius Paulus’. Deze vondsten bevestigen niet alleen het bestaan van de familie, maar ook hun invloed op Cyprus en in de regio. Interessant is de timing: direct na de ontmoeting met Sergius Paulus wordt de naam Saulus veranderd in Paulus, en het gezelschap reist door naar Pisidisch Antiochië – mogelijk om de rest van de familie te bereiken. Deze inscripties geven historische diepgang aan een ogenschijnlijk bijkomstig Bijbelverhaal en tonen aan dat Lukas gedetailleerd verslag deed (zie Luk. 1:3-4).
 
Archeologie als bondgenoot
Deze tien (en vele andere) ontdekkingen tonen aan dat de Bijbel geen mythisch verhaal is, maar geworteld in echte geschiedenis. Namen als Kajafas, Pilatus, Erastus en Sergius Paulus, locaties als Siloam en de tempel, en chronologische details als Gallio – ze kloppen allemaal. Archeologie weerlegt de Bijbel niet, maar bevestigt hem. Voor gelovigen versterken deze vondsten het vertrouwen in de Schrift. In een tijd waarin waarheid vaak subjectief lijkt, herinneren deze stenen en inscripties eraan dat het Evangelie geworteld is in ruimte en tijd. Wie de Bijbel leest, leest geen sprookje, maar de geschiedenis van Gods handelen in de wereld. Deze lijst is slechts het topje van de ijsberg. Duizenden kleinere vondsten vullen het plaatje verder in. Archeologie blijft een dynamisch veld dat telkens weer Bijbelse details nauwkeurig bevestigt. 

Bron: Bible Archaeology Report.  
Voor wie meer wil lezen: de originele publicatie op biblearchaeologyreport.com biedt foto’s, links en verdere studie.

Duizenden lezers gingen u voor. Ondersteun AMEN. Word ook abonnee!

Nieuw in de Morgenroodreeks

De Morgenroodboekjes komen uit in de Morgenroodreeks: een serie Bijbelstudieboekjes die sinds 1960 wordt uitgegeven. De in deze reeks verschenen boekjes zijn handzaam en praktisch en helpen je verder om de Bijbel beter te leren kennen.

Bijbel en/of Wetenschap

De relatie tussen Bijbel en wetenschap is er één van water en vuur. Wie zegt dat hij gelooft dat God alles geschapen heeft en dat Adam en Eva echt bestaan hebben, wordt vanuit het 'andere kamp' wat meewarig aangekeken ... 'Gelóóf jij dat nog?'.
Dat geloof ook in de wetenschap een grote rol speelt, vergeet men voor het gemak maar even. Maar het is toch echt zo: eerst wordt bedacht hoe het zou kunnen zijn (theorie, aannames, uitgangspunten, geloof) en vervolgens worden daar de bewijzen bij gezocht en zegt men: zie je wel?!
Wanneer wetenschap ons dichter bij de waarheid brengt, is dat alleen maar goed. In de afgelopen zes eeuwen is er binnen de wetenschap echter een proces werkzaam waarbij de Bijbel geleidelijk buitenspel is gezet.

Dit boekje is geschreven met de rotsvaste overtuiging, dat de Bijbel het Woord van God is. Het is een geactualiseerde versie van het Morgenroodboekje Bijbel & Wetenschap (2013).

Ook als e-book verkrijgbaar!

Meer info & bestellen 'Bijbel en/of Wetenschap'

Psalm 4 - Een avondlied

De slotwoorden van Psalm 4 zijn bekend: "In vrede zal ik gaan liggen en weldra slapen, want U alleen, HEERE, doet mij veilig wonen". David werkt in deze psalm naar deze vredige rust toe. Voor hij zich kan overgeven aan de slaap roept hij God aan en schrijft hij over zijn benauwdheid en doet hij een beroep op Gods genade. Ondanks alle tegenstand roept hij op te vertrouwen op de HEERE. In het licht van Gods aangezicht geniet hij van de blijdschap die God overvloedig in zijn hart gegeven heeft.
Zie hier de inhoudsopgave van dit boekje.

Ook als e-book verkrijgbaar!

Meer info & bestellen 'Psalm 4 - Een avondlied'

De NAMEN in de Bijbel - 3e druk

In de Bijbel hebben namen een belangrijke betekenis. Vaak leren zij ons iets over het wezen en de aard van een persoon of een plaats. Bijbelse geschiedenissen krijgen meer 'kleur' wanneer we de betekenis kennen van de namen, die er in voorkomen.

Een 'saai' hoofdstuk als Genesis 5 gaat opeens leven. We begrijpen misschien iets meer van de grootte en het karakter van Abrahams geloof in Genesis 22, als we weten wat de betekenis is van Moria. De geschiedenis van de geboorte van Benjamin (Genesis 35) blijkt, wanneer we de betekenis van de namen in dit gedeelte onderzoeken, een grote profetische diepgang te hebben met betrekking tot de Heere Jezus Christus, Die ook in Bethlehem (= broodhuis) geboren werd ...

Zo zijn er vele voorbeelden te noemen, waarbij de betekenis der namen meer zicht geeft op de rijke inhoud van Bijbelse geschiedenissen. Met dit boek kunt u het zelf ontdekken.

Dit is inmiddels de derde druk van deze unieke uitgave!

  • Met een complete lijst met alle namen in het Oude en Nieuwe Testament; 
  • Voorzien van de Hebreeuwse en Griekse grondtekst (en de uitspraak daarvan);
  • De namen van God staan in de spelling van de Statenvertaling, de Herziene Statenvertaling, de NBG-’51-vertaling en de NBV;
  • Elke naam is voorzien van een betekenis, dan wel waarschijnlijke betekenis; 
  • Inclusief een complete lijst met alle schriftplaatsen waar de namen voorkomen, waar nodig uitgesplitst in verschillende personen, plaatsen, etc.;
  • Prachtige en stevige uitvoering;
  • Mooi om te hebben, maar ook heel mooi om weg te geven!

Meer info & bestellen 'De NAMEN in de Bijbel''