De twaalfde apostel en Paulus

De twaalfde apostel en Paulus

29 april 2016 - door Peter A. Slagter

Labels: , ,

Weblog-10mei2016-Paul painting pic croped

Tussen hemelvaart en pinksteren namen de apostelen tijd om hun twaalftal (weer) aan te vullen. De plaats van Judas was immers opengevallen (zie Handelingen 1). In onze optiek was het misschien logisch geweest dat de Heere God Paulus alvast zou oproepen, maar dat is niet gebeurd. 

Nieuwe huishouding
Paulus voldeed niet aan het profiel zoals weergegeven in Handelingen 1:21-22. Matthias werd op die plaats verkozen als twaalfde apostel en Paulus dus niet. Hij was zelfs niet, zoals sommigen beweren, de dertiende apostel. Paulus werd later door God geroepen als prediker, apostel en leraar van de heidenen, zoals hij het zelf omschrijft. En daarmee werd hij (door God Zelf!) buiten de groep van de Twaalf geplaatst!
• Hij had een uniek apostelschap gekregen van God.
• Hij was (nog) niet in beeld tijdens het leven van Christus.
• Hij voldeed niet aan de vereisten om de twaalfde te zijn.
• Hij ontving en predikte een ander evangelie dan de twaalf (Gal. 2:7).
• Hij ontving zijn boodschap niet via de twaalf apostelen.
• Hij had een ander apostelschap dan de twaalf apostelen.
• Hij had een nieuwe opdracht t.b.v. de Gemeente (Kol. 1:24).
• Hij ontving een nieuwe bedeling (of: huishouding); zijn goede nieuws was onderdeel van een onthulling van een geheel nieuwe goddelijke bediening voor de mensheid, de onbegrensde uitdeling van Gods genade (Efe. 3:2).

Leraar
Deze prediker en apostel is de ´leraar van de heidenen´. Het woord ´leraar´ komt van het Griekse didaskalos. Dit woord vinden we in de Evangeliën terug als ´meester´. Zo werd de Heere Jezus aangesproken! Net als de Heere in zijn bediening op aarde Meester of Leraar voor Israël was, zo is Paulus aangesteld als meester of leraar van en voor de heidenen.
Het zijn met name de gevangenschapsbrieven (ook wel late brieven genoemd, d.i. geschreven na de Handelingenperiode), waarin de apostel uitwijdt over zijn taak, zijn apostelschap, zijn rentmeesterschap, e.d. Daarin lezen wij over Gods bedoelingen (lees: plan) in deze tussen-tijd. Dat was een geheim, dat nu door Paulus bekendgemaakt en onderwezen wordt. Van daaruit worden wij als leden van het Lichaam van Christus toegerust tot dienstbetoon. En daarin moeten wij onderwezen worden, om te (leren) zien wat de wil van God is in deze huishouding van de genade, want zo heet de huidige fase in Gods plan.

Onkunde
In de praktijk zien we dat dit lang niet altijd gebeurt. Sterker nog: vele ´leraren´ hebben zelf geen weet van Gods bedoelingen in deze tijd. Dat was in het verleden onder Israël precies zo: "Mijn volk gaat te gronde door het gebrek aan kennis", klaagt de HEERE de priester aan in Hosea 4: 4-6. Want als de boodschap van God al niet goed wordt overgebracht, hoe zal het volk die boodschap dan goed kunnen verstaan!?
Het gevolg was dat men in de dagen van de Heere Jezus totaal geen zicht meer had op de Messias! Slechts een klein overblijfsel heeft Hem herkend en ook erkend.
Het Christendom is hetzelfde overkomen. Allerlei leringen en dogma's verdrongen het onderwijs van Gods Woord. Ook vandaag wordt in brede christelijke kring alles door elkaar gehaald, heeft men geen visie voor de verschillende fasen en bedelingen (huishoudingen) in Gods plan, en heeft men ook geen zicht op de onnaspeurlijke rijkdom van Christus die door Paulus is verkondigd.

Visie
Gelukkig zijn er ook gelovigen die wel visie (gekregen) hebben voor deze rijkdom. Er is, net als in Jezus’ dagen, een gelovig overblijfsel. Zij weten wat Gods plan is in deze tijd. Zij komen, zoals Paulus schrijft in Kolossenzen 2:2 "tot heel de rijkdom van de volle zekerheid van het inzicht..."
Toch zal het te midden van de Christenheid altijd een minderheid zijn, een overblijfsel, dat deze rijkdom kent. Het is niet anders. Feit is en blijft, dat de apostel Paulus onze leraar is en zijn onderwijs hebben we nodig om te weten wat Gods wil is in deze tijd, wat het betekent om christen te zijn vandaag, om lid te zijn van het Lichaam, wat onze roeping en bestemming is, wat onze rijkdom en onze toekomst is, enzovoort. Lees tenslotte naar wat de meester zelf zegt:

“Wees met elkaar mijn navolgers, broeders, en houd het oog gericht op hen die zó wandelen, zoals u ons tot een voorbeeld hebt” (Filipp. 3:17).

“Blijft u echter bij wat u geleerd hebt en waarvan u verzekerd bent, omdat u weet van wie u het geleerd hebt…” (2 Tim. 3:14).

Deel dit bericht