Woordstudie - Deel 6: Het geloof van God

Woordstudie

Deel 6: Het geloof van God

Eén van de belangrijkste kenmerken van de gelovige is... het geloof. Met 'geloof' geven we aan dat we ervan overtuigd zijn dat er meer is tussen hemel en aarde; tegelijk kunnen we dat niet zomaar simpelweg bewijzen. In de Bijbel lezen we natuurlijk veel over geloof. Daar staat zelfs in dat Gód gelooft! Wij, gelovigen, hebben het altijd over óns geloof; alsof dat het belangrijkste is, maar hoe staat het met het geloof van God? Wat is dat eigenlijk?

Een definitie van 'geloof'

Wie een klein beetje thuis is in de Bijbel, denkt bij 'geloof aan één van de bekendere hoofdstukken die daarover gaan: Hebreeën 11. Dit hoofdstuk begint met een even indrukwekkende als onbegrijpelijke stelling: "Het geloof nu is de zekerheid der dingen, die men hoopt, en het bewijs der dingen, die men niet ziet." Wanneer we dit vers schematisch neerzetten, wordt de samenhang meer verklaard.

A Het geloof nu is
  B1 de zekerheid
    C1 der dingen, die men hoopt
  B2 en het bewijs
    C2 der dingen, die men niet ziet

Als je nu de gedeelten C1 en C2 weglaat, is er geen probleem. Dan hebben we: Het geloof is zekerheid en bewijs. Helder en duidelijk! Maar we kunnen (en mogen) natuurlijk niet zomaar woorden weglaten. In dit vers lijkt het alsof de zekerheid (B1) die ons zoveel vastigheid geeft, wordt afgezwakt. Het gaat immers om de zekerheid van dingen die men hoopt. Wat is dat nu voor een zekerheid?
Hetzelfde is het geval met het bewijs (B2). Bewijs! Wat wil je nog meer? Zwart op wit, tastbaar voor iedereen. Wat is er belangrijker in een rechtszaak dan de bewijsvoering aan de hand van bewijzen sluitend te krijgen? 'Nou', zegt de apostel, 'wij hebben bewijs, hoor', maar hij vervolgt direct met "van dingen, die men niet ziet". Stelt u zich eens een rechtszaak, waarin de advocaat wijst op allerlei bewijsstukken die niet zichtbaar zijn...

Als één ding duidelijk wordt uit Hebreeën 11:1 is het wel dit: geloof is geloof. Voor de gelovige is er bewijs en zekerheid genoeg, maar hij kan daarmee een ongelovige nooit overtuigen. Hoewel deze tekst zo op het eerste gezicht niet erg verhelderend lijkt, wordt er toch wel wat duidelijk gemaakt. Twee aspecten van het geloof komen naar voren. Het gaat om:

  1. zekerheid van de dingen, die men hoopt en
  2. bewijs van de dingen, die men niet ziet.

Het eerste wijst op iets wat in de toekomst ligt. Het grondwoord voor 'hopen' (elpidzoo) betekent hopen in de zin van verwachten. Daarom wijst het dus naar de toekomende dingen. Die zijn er per definitie nu nog niet en je kunt ze daarom nu niet zien. Paulus schrijft in Romeinen 8: "... hoop die gezien wordt, is geen hoop, want hoe zal men hopen op hetgeen men ziet?" (vs.24)

Ligt bij het eerste aspect van het geloof de nadruk dus op de toekomst, bij het tweede ligt die op het onzichtbaar zijn van dingen. Dit omvat meer dan alleen de toekomst. Behalve dat er toekomende dingen zijn, die nu (dus) onzichtbaar zijn, zijn er op dit moment ook dingen om ons heen die we niet (kunnen) zien.
Beide aspecten komen keer op keer terug in ons geloof. Op grond van de Bijbel zijn we ervan overtuigd dat de tegenwoordige wereld(heerschappij) niet blijvend is, maar vervangen zal worden door Christus' heerschappij - "dingen die men hoopt". Verder zijn we (bijvoorbeeld) zeker van het bestaan van God, hoewel we Hem niet kunnen zien - "dingen, die men niet ziet."

De achtergrond van 'geloof'

Het Griekse woord voor 'geloof' is 'pistis'. Dit komt van het werkwoord 'peithoo', hetgeen betekent: overreden, overtuigen, overhalen, trachten te overtuigen. Het wordt gebruikt in 2 Korintiërs 5: "Daar wij dan weten, hoezeer de Here te vrezen is, trachten wij de mensen te overtuigen ..." (vs. 11a) De Statenvertaling zegt: "Wij (...) bewegen de mensen tot het geloof ..." De cursief gedrukte woorden zijn de vertaling van peithoo. Zie ook de woorden van Paulus in Filippenzen 1: "Hiervan toch ben ik ten volle overtuigd, dat Hij, Die in u een goed werk is begonnen, dit ten einde toe zal voortzetten, tot de dag van Christus Jezus." (vs. 6) Statenvertaling: "Vertrouwende ditzelve, dat Hij, Die in u een goed werk begonnen heeft ..."

Het woord pistis, geloof, heeft daarmee de grondbetekenis van overtuigen, overhalen en overreden in zich. Dat betekent dus nogal wat. Bovendien zien we in het verlengde van Hebreeën 11:1 dat geloof met bewijsvoering en zekerheid te maken heeft, want juist daardoor kun je iemand overtuigen. Anderzijds worden wij met betrekking tot de dingen van God niet overtuigd door (in onze optiek) sluitend bewijsmateriaal, maar door geloof... Je moet het geloven om het bewijs te zien.
Maar dan blijkt ook meteen, dat geloven niet zomaar een vrijetijdsbezigheid is of een onzeker gebeuren. Nee, het woord houdt in dat je overtuigd bent van het bestaan van onzienlijke dingen en van het plaatsvinden van toekomende dingen.

Van het Griekse 'peithoo' is nog een ander woord afgeleid: pistos. Dit lijkt erg veel op pistis. Het verschil is dat pistis het zelfstandige naamwoord is, terwijl pistos een bijwoord is (een bijwoord zegt iets van een werkwoord, bijvoorbeeld: gelovig zijn). Doorgaans wordt het zelfstandige naamwoord vertaald met 'geloof', terwijl het bijwoord vertaald wordt met 'getrouw'. Deze woorden liggen in de oorspronkelijke taal veel dichter bij elkaar dan in het Nederlands. In het Nederlands verschillen getrouw en geloof immers nogal van elkaar. Het ene woord is van 'trouw zijn' afkomstig en het andere van 'geloven'. Als de Griek deze woorden las of hoorde, was het verschil voor hem lang niet zo groot. Pistis lijkt immers veel op pistos.
Om dit te verduidelijken, moet u de volgende zin maar eens lezen waarin 'blijdschap' het zelfstandig naamwoord is en 'blij' het bijwoord: 'Hij is blij en zijn blijdschap wordt alleen maar groter'. U ziet en hoort onmiddellijk dat beide woorden met elkaar te maken hebben. Zo is het ook met pistis en pistos. Men wist bij het horen van deze woorden meteen: 'dat heeft iets met elkaar te maken'.

Dit wordt enigszins duidelijk uit onze bijbelvertalingen. Het werkwoord peithoo zoals dat in Filippenzen 1:6 wordt gebruikt, wordt in de Statenvertaling bijvoorbeeld weergegeven met 'vertrouwende'. Wie de Statenvertaling en de N.B.G.-vertaling met elkaar vergelijkt op teksten waarin 'geloof' voorkomt, zal ontdekken dat er verschillende voorbeelden zijn, waarin de ene vertaling het over 'trouw' heeft, terwijl de andere het over 'geloof ' heeft. Staat er bijvoorbeeld in de NBG in 2 Tessalonicenzen 3:2 "... trouw vindt men niet bij allen", dan zegt de oude vertaling: "... het geloof is niet aller." Soms helpt het een bijbeltekst over 'geloof' beter te begrijpen door 'trouw' te denken, waar je 'geloof' leest, en andersom. Doe dat maar eens! Het is dus belangrijk om te onthouden, dat er in het Grieks nauwelijks verschil is tussen ‘geloof’ en ‘trouw’. In het Engels is er ook veel minder verschil: pistis vertaalt men met faith, pistos met faithful.

Het geloof van God

Ook als gelovige mensen zijn we dikwijls geneigd om onszelf in het middelpunt te stellen. We hebben het dan bijvoorbeeld over 'mijn geloof' of 'omdat ik geloof, ben ik gerechtvaardigd'. Toch liggen de zaken wat anders. Johannes schrijft: "Wij hebben lief, omdat Hij ons eerst heeft liefgehad." (1 Joh. 4:19) Datzelfde geldt ook voor het geloof. Met enige vrijheid, zouden we mogen zeggen: 'Wij geloven, omdat Hij eerst geloofde!'. Kun je dan zomaar zeggen dat God gelooft? Ja, dat kan! Lees bijvoorbeeld eens Romeinen 3:3 en 4a: "Want wat is het, al zijn sommigen ongelovig geweest ? Zal hun ongelovigheid het geloof van God te niet doen? Volstrekt niet!" (SV) En Filippenzen 3:9, waar staat: "En in Hem gevonden worde, niet hebbende mijn rechtvaardigheid, die uit de wet is, maar die door het geloof van Christus is, namelijk de rechtvaardigheid, die uit God is door het geloof ..." (SV)
In deze laatste tekst gaat het met name over het geloof van Christus als mens op aarde. Het geloof waarin Hij de wet volbracht en een rechtvaardig leven leidde. Het geloof waarin Hij stierf ("O, als Ik niet had geloofd des HEREN goedheid te zullen zien in het land der levenden!" - Psalm. 27:13). Zijn geloof rechtvaardigde Hem, waardoor Hij opstond uit de doden.
De tekst uit Romeinen 3 spreekt meer over het algemene geloof van God ten aanzien van Zijn handelen (in dit geval met Israël).

In 1 Timoteüs 1 denkt Paulus terug aan het moment dat hij door de Here in de bediening gesteld werd, en zegt hij: "Ik breng dank aan Hem, Die mij kracht gegeven heeft, Christus Jezus, onze Here, dat Hij mij getrouw geacht heeft, daar Hij mij in de bediening gesteld heeft ..." (vs. 12)
De trouw en het geloof van God staan hier tegenover het ongeloof van Saulus (zie vs. 15).

Al met al zien we - als het om het geloof van God gaat - de verbinding tussen Zijn geloof / trouw en Zijn plan. 'God is getrouw, Zijn plannen falen niet', zingen we. En zo is het inderdaad! Hij is in alles trouw aan Zijn Woord en aan Zijn voornemen. Die trouw, dat geloof, zal zeker leiden tot de volvoering van Zijn plannen.
Zo heeft Hij Zijn volk Israël op het oog om daaraan Zijn beloften te vervullen, omdat dit in Zijn voornemen past.
Zo had hij Paulus - eerst Saulus - op het oog. Een man die notabene in tomeloze woede en een hartstochtelijke ijver gelovigen vervolgde en hen trachtte uit te roeien (Hand.26:11 en Gal.1:14); een man die er bij stond toen Stefanus werd gestenigd en daar zijn toestemming aan verleende. Hij zegt later dat God hem al vanaf de schoot zijner moeder had afgezonderd (Gal.1:15) en in 1 Timoteüs 1:12 dus dat Hij hem getrouw achtte. God voorzag wat Hij in deze apostel kon doen en hoe hij een plaats in Zijn plan zou hebben. God had geloof in deze man. Menselijk gesproken onbegrijpelijk! Maar wel waar.

Het bepaalt ons ook bij het grote wonder van ons geloof. Want zo had God ook ons op het oog! Wie gelooft, mag toch weten dat dit in Gods bedoeling ligt. En dat Hij ons daarom ook beschermt, van dag tot dag. En zelfs indien wij ontrouw zijn, Hij blijft getrouw, want zichzelf verloochenen kan Hij niet (2 Tim. 2:13). Hij blijft trouw aan Zijn plan. Het geloof van God is onwankelbaar!

Duizenden lezers gingen u voor. Ondersteun AMEN. Word ook abonnee!

Pas verschenen in de Morgenrood-reeks

De Morgenroodboekjes komen uit in de Morgenroodreeks: een serie Bijbelstudieboekjes die sinds 1960 wordt uitgegeven. De in deze reeks verschenen boekjes zijn handzaam en praktisch en helpen je verder om de Bijbel beter te leren kennen.

NIEUWSTE UITGAVE: PSALM 80

Psalm 80 - een dringende bede tot de Herder van Israël

Psalm 80 is één groot gebed tot de Herder van Israël om het behoud van het volk Israël. Driemaal klinken daarin de woorden "breng ons terug; doe Uw aangezicht lichten, dan zullen wij verlost worden". In dit gebed komt ook naar voren hoe de Heere deze verlossing tot stand zou brengen: namelijk door de Zoon, de Zoon des mensen, de Man van Uw rechterhand. Het is mooi om te zien hoe Asaf duizend jaar vóórdat de Heere Jezus op aarde was, zo duidelijk over Hem schreef. En toen de Zoon op aarde was, zei Hij dat Hij de goede Herder was Die Zijn leven zou geven voor Zijn schapen. En dat deed Hij ... als het Lam van God.

Ook als e-book verkrijgbaar!

Info & Bestellen

Leeswijzer - Doelgericht Bijbellezen

Meer weten over Degene in Wie je als christen gelooft? Dan is de Bijbel dé bron van informatie. Daarbij is het niet alleen belangrijk dát je de Bijbel leest, maar ook hóe je leest. Wil je ontdekken wat God heeft geopenbaard en zeggen wil? Of zoek je bevestiging van hoe je zelf je geloof wilt 'inrichten'?
Doelgericht Bijbellezen is van grote invloed op de wijze waarop we leven, gemeente-zijn en zicht hebben op Jezus Christus.

Met vragen om persoonlijk of groepsgewijs verder over na te denken.

Ook als e-book verkrijgbaar!

Info & Bestellen

Recente uitgaven Everread Uitgevers

Naast de boekjes uit de Morgenroodreeks geeft Everread ook andere boeken uit. Wie een Everread-abonnement heeft, ontvangt naast de uitgaven in de reeks óók elke nieuwe uitgave van Everread (jaarlijks 2 á 3) met een korting van 25%!

Schatten uit Gods Woord - II

Dit tweede deel in de serie Schatten uit Gods Woord heeft als ondertitel ‘Wandelen met een verborgen God’.

Elk hoofdstuk heeft iets te maken met de praktische wandel van de gelovige.

Soms hebben we als gelovigen wel eens moeite met het gegeven dat we in een periode van Gods plan leven waarin Hij Zich verborgen houdt. Hij lijkt zo ver weg. Bemoeit Hij Zich wel met ons?

Dit boek laat zien dat de Heere wel degelijk nabij is en meegaat op onze wandeling door het leven. Ja, het blijkt dat wij door Hem worden meegenomen op Zijn weg!

En daarbij mogen we de schatten uit Gods Woord ontdekken en met ons meedragen.

Bekijk hier de inhoudsopgave van dit boek

Info & Bestellen